Reisverslag Scandinavië (2016)

Jullie webmaster is weer op pad geweest, wegens omstandigheden niet met de motor maar met een camper. In bijna drie weken ruim 4000 km afgelegd door Denemarken (snelweg), Noorwegen & Zweden (binnenwegen) en Denemarken & Duitsland (binnen- en snelwegen gecombineerd). Het was voor mij de eerste kennismaking met Noorwegen en Zweden wat het net weer iets avontuurlijker maakt. In Scandinavië geldt het allemansrechts wat inhoudt dat je vrijwel overal vrij mag kamperen mits je je houdt aan een aantal eenvoudige regels (o.a. respect hebben voor natuur, dier en mens). Na iedere nacht vrij staan heb ik weer een camping genomen om mezelf op te frissen, de verswatertank te vullen en de vuilwatertanks te ledigen. Hoewel vakantie in Scandinavië vrij duur is, kun je ook met een beperkt budget je prima behelpen. Dagelijkse boodschappen bij supermarkten als Rema en Kiwi zijn redelijk volgens Nederlands prijspeil.

vrijdag 27 mei: Camperbus ophalen

Het was zover! Ik had het bericht gekregen dat de camper gereed stond en dus reed ik naar het ophaalpunt. De gebruikshandleiding die ik voortijds toegemaild hadden gekregen leek mij wel duidelijk genoeg, maar nu met een visuele handeling erbij maakte het toch nog een flink stuk duidelijker en nam de eventuele twijfels ook weg. Wel zo handig wanneer je een volle chemisch toiletcontainer wilt lozen, zonder zelf besmeurd te worden. Ieder puntje werd doorgenomen en vragen werden duidelijk beantwoord.

Een korte rit naar huis was ruim voldoende om te wennen aan de bediening, het rijgedrag, de omvang (dode hoeken), draaicirkel en zwaartepunt van de camper. Thuis liep ik alle uitgelegde dingen nog eens na zodat bepaalde belangrijke handelingen en vooral de volgorde waarin dit moet gebeuren, beter worden onthouden en sneller routine worden. De walstroom werd aangesloten zodat de woonaccu afgetopt werd en de koelkast alvast lekker koud kon worden. De proviand in pak, zak en blik werd alvast overgeheveld en waar mogelijk werd de beste indeling bepaald, over het algemeen zware spullen zo laag en verdeeld mogelijk tussen de assen. Het kledingassortiment kreeg ook een plek en de komst van de electronica werd voorbereid door contactdozen te positioneren en kabels dusdanig te leiden zodat je daarover niet kunt struikelen. Bovenin een kastje zat een omvormer die van 12V gelijkstroom (woonaccu) 230V wisselspanning maakt, zodat je al vrijstaand toch je smartphone, laptop en camera's kunt opladen. Althans, dat is de gedachte er achter... (krijgt dus nog een staartje)

zaterdag 28 mei: Culemborg ~ Holbøl Mark (620 km)

Vanochtend was ik al bijtijds wakker en had zodoende volop de tijd om het ochtendritueel te doen. Wat later zat ik aan het ontbijt en kort daarna maakte ik me klaar voor het vertrek naar de eerste overnachtingsplek in Kaltenkirchen. De zon brak voorzichtig door en eind van de ochtend was en bleef 'ie goed schijnen. De verkeersdrukte viel mee, geen files, enkele stukken wegwerkzaamheden op Duits grondgebied en met een snelheid van rond de 100 km/u, schoot het best lekker op. Zo lekker zelfs dat het eindpunt al halverwege de middag werd bereikt (Kaltenkirchen). De camperplaats was ruim en netjes aangegeven zonder fasciliteiten. Hoewel kampeergedrag op vrije overnachtingsplekken niet is toegestaan, had toch zeker de helft van de aanwezigen de halve inventaris buiten staan. Tja...

Gezien het tijdstip besloot ik om door te rijden naar Denemarken en daar een plekje voor de nacht te zoeken. De laptop werd opgestart en uit de Deense camperplaatsen werd eentje gekozen. Enkele kilometers van de snelweg, nabij het plaatsje Holbøl Mark bij een restaurant . Hier heerlijk gegeten, van iedere hap werd intens genoten want het was best wel prijzig. Maar als openingsdiner van een prachtige vakantie, liet ik het toe, zelf koken doe ik morgenavond wel. Eenmaal terug in de camper werden de foto's en enkele video's van vandaag naar de backup-schijf gekopieerd, werd de tekst geschreven en een toepasselijk plaatje geselecteerd en bewerkt voor publicatie op de website.

zondag 29 mei: Holbøl Mark ~ Hirtshals (355 km)

Na de eerste nacht in de camper bleek niet alles probleemloos te functioneren of zelfs geheel niet te functioneren. Officieel was het ook geen fabriekskampeerauto maar een oude DHL-bestelbus die was voorzien van het gedateerde interieur en dito techniek uit een caravan. De koelkast werkte alleen op walstroom goed genoeg, op gas of 12 volt liet de koelprestatie te wensen over. De meest bederfelijke waar werd dan ook vlot naar de koelbox overgeheveld om voortijdige veroudering zo lang mogelijk tegen te gaan. Verder was het toilet nogal onderbemeten groot en zodra de deur van de natte cel dicht zat, was het gedaan met de bewegingsvrijheid. Voor de rest enkele kleinigheidjes zoals een verswatertank van slechts 40 liter, de hor in de riante badkamer die los kwam en zich ook niet meer liet terugplaatsen, de gordijnrails bij de voorruit had z'n beste tijd gehad waardoor je de gordijnen met geen mogelijkheid meer de bocht om kreeg (met een multitool en flink wrikken werd het enigszins gangbaar), de hor in de schuifdeur kwam ook al snel los maar ik zou mezelf niet zijn als ik geen rolletje duct-tape bij me zou hebben, dus het horretje kwam de rest van de vakantie niet meer los heheheh...

Afijn... Na een onderbroken slaap doordat de kleine doorgaande weg 's nachts drukker was dan gedacht, om 06:00 maar definitief opgestaan en na een nog wat onhandig ochtendritueel, zat ik toch met een doorbrekend zonnetje aan een heerlijk ontbijtje met koffie. Om 09:30 uur richting het noorden vertrokken en er hoefde nog maar 355 km afgelegd te worden. Ongeveer halverwege bij een parkeerplaats/servicepunt vuilwater geloosd, verswater ingenomen en de zelf gesmeerde bolletjes verorberd. Deel twee verliep voorspoedig, in een rustiger tempo dan gisteren, relaxt op de rechter rijstrook als toerleider van een rijtje vrachtwagens waarvan het gros ongetwijfeld ook Noorwegen als bestemming hebben. Halverwege de middag reed ik de camping in Hirtshals op, meteen het chemisch toilet geleegd, een mooi plekje in de hoek met zeezicht gekocht voor één nacht en mezelf gesetteld. Een klein uurtje later zat ik uiterst tevreden met een alcoholisch drankje in de hand in een warm zonnetje van mijn prestatie te genieten. Voor de rest van de middag en avond heerlijk dat rustige tempo aangehouden, rond zessen ge-skottelbraaid, uitgebuikt, afgewassen en opgeruimd, stukje gelopen en de foto's en video's van vandaag gebackupped en het dagverslag getypt. Waarvan akte, tot morgen.

maandag 30 mei: Hirtshals ~ Kristiansand ~ Søndeled (140 km varen + 140 km rijden)

Afgelopen nacht was het nogal nat, van tijd tot tijd hoosbuien onder het genot van een aanhoudende stevige bries. Vanochtend was het erg bewolkt maar gelukkig eventjes droog en zelfs tijdens het ontbijt, brak soms de zon door. Dat duurde totdat ik met de Fjord Cat catamaran de haven uit was en dikke wolken zich samen pakten. Hirtshals huilde. De overtocht nam ruim twee uur in beslag, bij het inchecken werd al medegedeeld dat het best wel een hobbelige tocht kon gaan worden en een anti-zeeziekpilletje werd dan ook standaard al aangeboden. Ik bedankte vriendelijk vanwege mijn twijfels in combinatie met mijn medicatie. Het was inderdaad wel wat deinerig met regelmatig een te snel genomen drempel (althans, zo voelde het), maar ik had er geen moeite mee. Tegen tweeën was ik in de haven van Kristiansand en kon al vlot de boot afrijden. Helaas zat het weer niet mee, continue stevige regen, erg treurig en goed blijven opletten op bochtige kustwegen. Ik had het mezelf ook niet makkelijk gemaakt door zoveel mogelijk de kustlijn te volgen in plaats van de snelweg E18, maar zo zie je wel vele malen méér. Rond half zes arriveerde ik in Kilsund maar omdat het een klein plaatsje was en ik geen geschikte plek konden vinden voor de overnachting, reed ik alvast een stukje van de route van de volgende dag. Na zo'n 40 km zag ik ineens een leuk plekkie en besloot dat dit mijn camperplaats ging worden: Søndeled. Gasfles open, prakkie koken en happen maar...

Halverwege de avond moest ik de laptop en smartphone opladen dus die omvormer kon eindelijk gebruikt gaan worden. Ja, niet dus! Het controlelampje op de omvormer was groen en de multimeter (onmisbaar gereedschap bij storingen en doormeten) gaf 228V aan dus waarom werken de laders dan niet? Direct daarna kwam ik er achter dat mijn scheepapparaat ook niet opgeladen kon worden omdat het snoer-met-stekker nog thuis lag... Gelukkig had ik een 16Ah powerbank bij me waardoor ik in ieder geval de smartphone een aantal keer kon opladen en zo toch mooi op Google een oplossing zoeken voor de omvormer. Tegen bedtijd gaf de radio geen geluid meer via de luidsprekers, daarna dimde de aanrecht- en toiletverlichting steeds meer en ook de waterpomp (voor keukenkraan en toiletspoeling) wilde geen druppel meer oppompen. Conclusie, de woonaccu is ineens leeg want een zekering gaat nooit langzaam kapot... Komt het hoofdlampje nu goed van pas.

dinsdag 31 mei: Søndeled ~ Dalen (185 km)

Vanochtend vroeg vingen de zonnepanelen al wat zonnestralen op dus er was weer een klein beetje stroom voorhanden. Het probleem van de kieskeurige omvormer heb ik hoogstwaarschijnlijk gevonden: de hier gemonteerde is de variant van een paar tientjes en die geeft een gemodificeerd 230 Volt sinussignaal (blokvormig). Apparaten waarin electronische componenten zijn verwerkt en dat is tegenwoordig bijna alles, werken hierop minder goed of zelfs geheel niet. De reden hiervoor is erg technisch en zeker interessant, maar op de website Oriënteer.nl wordt het met een simpel voorbeeld uitgelegd en bovendien somt men op welke apparaten wel, minder goed of geheel niet functioneren.

Gedurende deze camperreis kan ik dus alleen via walstroom de apparaten opladen en zal er vaker overnacht moeten worden op campings. Voor mijn toekomstige campertrips heb ik later dit jaar een eigen omvormer aangeschaft, uiteraard eentje die een zuiver 230 Volt sinussignaal produceert. Zoals men van mij wel weet, ga ik nooit over één nacht ijs en kies steevast voor redelijk betaalbare en betrouwbare topkwaliteit, in dit geval is dat Victron Energy geworden. Hoeveel vermogen ik maximaal nodig heb, kan gemakkelijk berekend worden;

Als 's-avond alles wordt opgeladen zal er 135 tot maximaal 160 Watt verbruikt worden, dus kies ik voor de kleinste uitvoering in hun Phoenix Inverter-serie: de 12/180 met Schuko-uitgang (= normaal stopcontact met randaarde), bovendien is deze klein genoeg om een 12V-stekker te hebben zodat het rechtstreeks in de 12V-accessoireaansluiting in het dashboard gestoken kan worden. Hierdoor kan ik het bijvoorbeeld ook in mijn auto gebruiken om op een stroomloze kluslocatie de boormachineaccu op te laden. Zwaardere uitvoeringen mogen alleen rechtstreeks op de accupolen worden aangesloten vanwege de hoge stromen waarmee de accu kan worden belast. De 180W bij 230V geeft een accubelasting van 15A bij 12V, het maximum waarmee de accessoireaansluiting is gezekerd. Een uitgebreide test door een externe partij heb ik als download (pdf) HIER beschikbaar.

Na het ontbijt met echt vers gesneden Noors brood en dik boter en jam, moest eerst de afwas gedaan worden want anders rammelt het plastic serviesgoed zo irritant in de gootsteen. Rond tien uur begon ik weer aan een avontuurlijke dag door het schilderachtige landschap. Het was prachtig weer, het werd zelfs best warm en de laagjes kleding werden afgepeld, de wegen werden bochtiger, de natuur indrukwekkender en na iedere paar kilometer werd weer een ander decor vertoond. Na diverse foto- en relaxstops kwam Dalen in zicht, maar voordat het dorp binnengereden kon worden, moest er een "niet heel lelijke" 12% afdaling met haarspeldbochten genomen worden. Het eindpunt was de zeer nette Buøy Camping, gerund door een erg gastvrij Nederlandse gezin, knus en rustig gelegen, omgerekend € 22,00 inclusief walstroom, gratis douches (!!) en sanistation. Op het nagenoeg lege grasveld een leuk plekje met een picknickbank uitgekozen, met jazéker... Uitzicht op een paar honderd meter hoge waterval. Geweldig als je wakker bent, iets minder als je in slaap wilt vallen. Nah ja, het went uiteindelijk.

Eerst wat relaxen, alles opladen, wat gedronken en een paar lekkere koekjes gegeten, pannenkoeken gebakken, beetje uitgebuikt, stukje gewandeld naar een van de mooiste houten historische hotels van Noorwegen (binnen een uitgebreid verhaal te horen gekregen van de receptionist die maar wat graag over het hotel wilde vertellen), natuurlijk een paar foto's gemaakt van o.a. het prachtige glas-in-lood-plafond en weer terug. Had wel zere pootjes dus wandelen gaat nog niet echt soepel. Nah ja, ik kan al meer dan ik überhaupt had verwacht te kunnen, dus klagen doe ik niet. Zo, de laatste regel van dit dagverslag en dan uploaden. Tot morgen!

woensdag 1 juni: Dalen ~ Porsgrunn (160 km)

's-Ochtends met het hoofd in de opstartfase eerst heerlijk genoten van het vochtige gras rustig zittend op een bankje in het zonnetje, een prima begin van de dag. Daarna gebruik gemaakt van de gratis douche, heerlijk 20 minuten lang en lekker warm, perfect sanitair, fris en zeer schoon, zelfs een afwasruimte compleet met afdruiprekken. Daarna ontbeten en gewoon vier sneeën brood naar binnen gewerkt. Doe ik thuis anders nooit hoor, dus ik geef de Noorse natuurlucht de schuld.

Om klokslag 10:11:14 werd de GPS opgestart en reed ik eerst naar een ravijn in de buurt van het gehucht Omdal, via de hoofdweg maar daarna zou het een stukje onverhard en stijl naar beneden gaan. Bij nader inzien leek mij dit geen goed idee, omlaag gaat uiteraard goed maar terug omhoog zouden de voorwielaangedreven wielen wel eens te weinig grip kunnen hebben en uren wachten op sleephulp, nee bedankt. Dus omkeren en dezelfde weg weer terug naar Dalen en verder via de 45 richting de Eidsborg Kirke, aan de andere kant van het dorpje een 15% klim met formidabele uitzichten, compleet met besneeuwde bergtoppen op de achtergrond. De Eidsborg Kirke is erg mooi en geheel origineel, een kleine staafkerk uit de 13e eeuw die zich kenmerkt door een buitengevel volledig bedekt met houten schubben.

Daarna nog zo'n 30 km bochtig traject tot Hoydalsmo en de E134 (een "bijna snelweg") in oostelijke richting genomen wordt. Ook nu weer een bochtige weg waarbij de snelheid iets hoger lag, maar nog altijd maximaal 80 km/u. Met een auto prima te doen, met de camper reed ik uiteraard in de veilige modus zo tussen de 60 en 70 km/u, dat is hard zat om de zware bus in het spoor te houden. Ondanks dat snelheidsovertredingen hier in Noorwegen vreselijk duur zijn, trekken de Noren zich daarvan blijkbaar niets aan, want ik hoefde nooit lang te wachten op een trouwe schare volgers. Zie je wel, ook zonder social media kun je volgers hebben heheheh. Op zich wel erg grappig want eerst proberen ze je op te drukken (werkt niet), daarna ga ik op een lang recht vlak stuk tegen de bermstreep aan rijden om ze de ruimte te geven mij in te halen, maar om een of andere onduidelijke reden doen ze dat niet. Vervolgens krijgen we weer een bochtig traject en herhaalt het ritueel zich weer. De meesten die wel durven in te halen doen het netjes, een enkeling die mij enigszins geïrriteerd gebaarde dat ik aan de kant had moeten gaan, grapjurk.

Lunchtijd in Seljord, op een parkeerplaats bij de Sparebank. Het was goed warm, zelfs de Noren spraken van tropisch weer. Eerst even naar een bakkerij gevraagd en die lag op ongeveer 100 meter, da's mooi dus. Uiteindelijk bleken het er 400 te zijn (meter dus, geen bakkerijen...) en dus ook weer 400 terug. M'n enkels hadden het zwáár, mede door het warme weer. Terug bij de bus heb ik ze maar wat rust gegund en daarna lekker gegeten (gewoon brood dus, niet de zoete broodjes die mij smachtend in de vitrine lagen aan te staren...). Ik vervolgde mijn weg via de bijna-snelweg nummer 36 naar het plaatsje Bø, daarna scherp rechtsaf via de Nordbygdavegen (mag je meteen weer vergeten) af te zakken naar Lunde en Ulefoss. Vlak vóór Ulefoss pakte ik nog even de Vrangfoss Sluse mee, vijf handbediende houten sluizen achter elkaar. Om 14:40 uur zouden de sluizen worden bediend voor een historische boot die het Telemarkkanaal volgt, wat vrijwel dagelijks van 14:00 tot 15:00 uur duurt. Blijkbaar was de boot te vroeg aangekomen of hadden de sluiswachters te hard gewerkt of was het water dunner door de warmte. Hoe dan ook, ik had de boot letterlijk gemist en zag nog net het achterste stukje van het ding achter de kantbegroeiing verdwijnen. Dus meteen dóór naar Ulefoss om dáár de volgende actiesessie te bekijken, maar het geluk is met de domme, oftewel had ik wederom pech. Verderop op het Norsjo-meer zag ik die boot weer varen en bij een sluis in Afosstrand had ik nog een kans. Na wat zoeken en vragen, werd ik de juiste kant opgestuurd en die eindigde via een kleine weg die nergens heen lijkt te gaan, bij een brug met breedtebeperking van slechts 2,20 meter en een maximale asdruk van 6 ton. De camperbus had gepast als ik 'm er recht voor kon krijgen, wat onmogelijk was gezien de beperkte ruimte. De boot was waarschijnlijk ook mij allang weer gepasseerd dus zat er niets anders op dan te keren, wat met ruimtelijk inzicht en enig geduld van het overige verkeer na tweemaal steken lukte. Pfff...

Het hele gedoe had erg veel tijd gekost dus vond ik het de hoogste tijd om iets warms te happen en daarna een camping op te zoeken. In/nabij Skien was geen camping te vinden dus bij een pizzatent een prima ding naar binnen gewerkt. Hopelijk heb ik in de volgende plaats (Porsgrunn) meer geluk voor een slaapplaats. De locatie van de Olavsberget Camping die in de GPS stond bleek helemaal niet te kloppen, ook lokalen konden het mij niet vertellen en uiteindelijk bij de Bobben Pizzabar het nog maar eens geprobeerd. Het meisje daar wist het wel en legde de route uit, achteraf gezien was het ook redelijk recht toe recht aan maar op dat moment kwam het nog niet helder bij mij binnen. Gelukkig zag het meisje dat ook, glimlachte vriendelijk en zei dat ik maar achter haar aan moest rijden. Ze bracht mij tot pal voor de slagboom, opgelucht als ik was gaf ik haar een flesje wijn als dank, wat niet hoefde maar ze wel enorm kon waarderen. Een kwartiertje later lag de camper aan het infuus (stroomkabel) en zat ik in zonnetenue op mijn krent met een verfrissend drankje.

donderdag 2 juni: Porsgrunn ~ Hokksund (135 km)

Het mooie weer blijft nog een tijdje in de buurt hangen en dat komt mij heel goed uit, want een bezoek aan het Kjaerra Foss Park staat gepland. Naast wandelen langs en genieten van het stromende water en stroomversnellingen, kun je hier helemaal los gaan met allerlei actieve activiteiten in groepsverband zoals kanoën, survivallen, boomhutten en vlotten bouwen. Maar het is nog voorseizoen en misschien is ook het water nog iets te koud, het is afgezien van het gebulder van het water, het geknars van de gravel en het getik van mijn trekkingstokkenwerden verder stil in het park. Overigens zijn die stokken hier voor het eerst uitgetest, het was wat wennen maar eenmaal door hoe de stokken het best konden worden gehanteerd, geeft het stabiliteit en een letterlijk duwtje in de rug. Lekker hoor, doet me terugdenken aan vroeger, samen met vader fietsen om verse eitjes te halen bij de boer en bij de straffe tegenwind zo'n duwtje in de rug te voelen... Ongeveer 2 km gewandeld, het water overgestoken via een enorm grote houten brug, uurtje gerelaxed op een bankje in de schaduw, en daarna weer terug naar de parkeerplaats. Even weer genoeg activiteit gehad.

Terug in de camper even een broodje gegeten en daarna expres met een omweg via de 306 naar Høyjord. Op de digitale kaart van Garmin (Basecamp) had ik een kronkelige gele weg gezien die mijn aandacht trok. Mijn motorrijdershart ging er sneller van kloppen. Nou, kronkelig was het zeker en door het zeer glooiende landschap, voelde het als een achtbaan en zo heb ik het graag. Maar op en top geschikt voor campers, niet echt. Overwegend te smal voor tweerichtingsverkeer, sommige stukken waren best spannend, veel stukken waren nogal hobbelig door gebrekkig wegdek (zzzoab = zeer zeer zeer open asfaltbeton) waardoor de snelheid op deze stukken niet veel hoger lag dan 25 km/u, maar je ziet wel lekker veel zo en alle uitzichten waren weer van topkwaliteit.

De staafkerk in Høyjord lag precies op de route dus de buitenkant daarvan even bewonderd, later bleek het zelfs een originele te zijn die in de Noorwegengids als tip wordt genoemd. Een kwartiertje later vervolg ik de route via de 312, een echt grote weg op met wel twee rijbanen (jaja, echt waar...) naar het plaatsje Hof. Daarna noordwaarts via de 35 langs het Bergsvannet (een meer), in Eidsfoss mijn eerste Noorse (verpakte) ijsje gegeten en goedkoop de halflege tank volgegooid. De laatste 25 km langs het gigantische meer Eikeren tot in Hokksund was het nog even genieten van perfect asfalt in een perfect kronkelig design. Op de gelijknamige camping was het nog erg rustig (voorseizoen) hoewel de prijs toch anders deed vermoeden (330 NOK = € 30), waarschijnlijk de duurste deze vakantie. Walstroom, drinkwatertappunt en onbeperkt warm douchen inclusief dus vooral van dat laatste ga ik maximaal genieten...

vrijdag 3 juni: Hokksund ~ Oslo (100 km)

Na het ontbijt even de voorruit ontdaan van ongedierte, de vloer gezwabbert, afgekoppeld en alle tankjes gevuld dan wel geleegd. De route verliep eerst noordwaarts via de verbindingsweg 35 en met een mooi tempo van 70 à 80 km/u. Bij Vikersund rechtsaf om een wederom prachtige lokale weg te volgen, de "kust"weg 284 langs het Tyrifjord. Mooi bochtenwerk, dwars door sfeervolle dorpjes, soms een flinke helling of daling en na vrijwel iedere kilometer een ander uitzicht. Het gaat in ieder geval nooit vervelen. Na de plaats Sylling eindigt de 284 en ga ik linksaf de 285 op, nog steeds de contouren volgend van het fjord.

De laatste 40 kilometer via de echte E16 snelweg, veel verkeer, rommelig en hier heeft iedereen ineens haast. Na 20 kilometer moest er worden uitgevoegd naar de E18 Noord, meteen na een kilometer lange tunnel waardoor de navigatie even geen satellietsignaal meer had, mij te laat op de afslag attendeerde en ik ineens de E18 Zuid op werd gedwongen. Nou ja, gelukkig was het nog vroeg in de middag en was er dus nog genoeg plaats op de Sjølyst Marina (stadsdeel Skøyen). Vanaf 15:00 uur kon de betaling voor 3 dagen stageld geregeld worden. Relatief duur (300 NOK per 24 uur) voor een ongezellige lokatie, inclusief walstroom en water, exclusief douches helaas. Maar goed, overdag ga je toch Oslo verkennen.

En dat ging ik dus ook doen met als doel het Vigelandpark, bekend om de talloze beelden. Eerst ongeveer twintig minuten lopen en daarna een kwartiertje met de bus die vlak voor het park stopt. Het park zelf was erg mooi maar met de brandende zon was het ook behoorlijk warm, zo'n 28 graden. Een korte maar flinke regenbui bracht een verfrissend effect op de luchttemperatuur. Twee uur en een ijsje later een Oslo Pass gekocht waarbij het verkooppunt het Continental Hotel was. Een flinke tippel dus gebruik gemaakt van de metro, bij de hotelreceptie bleken ze de Oslo Pass uitsluitend te verkopen aan hun gasten. Na een beknopte uitleg dat ik specifiek hierheen gestuurd was, mocht ik gelukkig toch die pas kopen. Daarna rechtstreeks terug naar de camper want ik (lees: m'n enkels/voeten) hadden het helemaal gehad voor vandaag. Ik kon nog maar aan een paar dingen denken: schoenen/sokken/shirt uit, stoel uitklappen, biertje en een afwasbak met koud water om de voeten te koelen.

zaterdag 4 juni: Oslo

Na een stormachtige nacht met een wiebelig bed, vroeg opgestaan (06:30 uur) en na afronding van het opfrisritueel en een degelijk ontbijt, was het even twijfelen wat het weer zou gaan worden gezien de vlagerige fris aanvoelende wind. Het werd een korte broek met jas. Vandaag liet ik mijn OsloPass ingaan en nam bij de dichtstbijzijnde halte de bus naar de (vissers)haven. Het Nobelprijsmuseum was als eerste aan de beurt, op zich was de tentoonstelling heel aardig vormgegeven met wat interactieve presentaties en een bijna 200 gram gouden Nobelprijsmunt volgens het ontwerp van Vigeland zelf, maar ook was het erg compact en na wat zoeken naar de volgende ruimte (die er niet was) stond ik met een half uurtje alweer buiten. Hmm.

Op het plein bij de kade was het inmiddels behoorlijk druk, er stonden een schuimbluswagen van het vliegveld en een aantal ambulancewagens en -motoren. Een half uur later hoorde ik meerdere sirenes en kwam er een flinke stoet klassieke brandweerwagens en enkele oude ziekenwagens het plein opgereden, minimaal 60 stuks parkeerden naast elkaar en dat was een mooi plaatje. Daarna liep ik naar het stadhuis wat bekend staat om de mozaïeken vloeren en wand- & plafondbeschilderingen. Ik heb in de centrale hal even relaxed op een comfortabele bank gezeten en ook me vermaakt met mensen kijken. Daarna met de bus naar het centraal station gegaan om het ernaast gelegen markant vormgegeven concertgebouw te bekijken. Gezien de temperatuur eerst maar een bekertje ijs gegeten en de afweging gemaakt of ik de enorme helling naar het gigantische dak zou oplopen. Toen het bekertje leeg was, was ik eruit: zitten blijven. Een half uurtje later vond ik het wel weer tijd om iets te happen dus ergens een belegd paninibroodje gegeten en dat ging er in als koek. De laatste attractie was het koninklijk paleis wat na een lange klim helaas alleen aan de buitenkant bekeken kon worden. Vervolgens een tijdje in de schaduw van een standbeeld gezeten en weer mensen en vooral jonge(re) dames ge- & bekeken... :-)

zondag 5 juni: Oslo

De zoete bladerdeeg-met-fondant/pudding/spijs-koeklap moest op en dat was een prima ontbijt en energiebom om de derde Oslodag door te komen. Met de bus naar de haven en van daaruit een klein stukje lopen naar de kathedraal en letterlijk wat rondgehangen. Toen naar het Akerhus Slot en onderweg bij de McDonalds een verfrissende aardbeienmilkshake genuttigd, gezien het middaguur was dat een prima tussenstop. Nog maar net aan de wandel voelde ik m'n voetzolen alweer branden, dus veel rustpauzes gedurende de warme dag ingelast. Gaat het iets beter met de enkels, krijg ik dit gezeur weer. Na een aantal stijgende keienstraatjes kwam ik uit op een binnenplaats en koos ik zoals gebruikelijk weer een bankje in de schaduw uit om de voetzolen weer wat rust te gunnen.

Rond 15:00 uur op naar de volgende stop, de Noorse variant van Sail 2016 zal ik maar zeggen. Het was best druk, er was van alles te zien, van stoomauto tot mijnenveger en van sleepboot tot originele driemaster. Bij vrijwel alle schepen mocht je ook aan boord maar ik heb alleen het mooiste zeilschip bewonderd. Een paar mooie video's geschoten, hoe kon het ook anders bij zulk prachtig weer. Eenmaal weer aan wal was het weer tijd voor een snack, keus genoeg bij de terrasjes en diverse standjes. De terrasprijzen waren dusdanig dat ik snel (nou ja, "snel"...) voor een standje koos waar een våffel werd geserveerd: een dunne lichtknapperige wafel die ik besmeerde met een laag eigengemaakte aardbeienjam. Lekker maar onvoldoende als late lunch dus werd bij hetzelfde standje een erg smakelijke Pølse Lumpe besteld: een grote dikke knakworst gerold in een aardappel-pannenkoek. Ideetje voor thuis...

Vervolgens (weer) een half uurtje op een muurtje in de schaduw gezeten, dames kijken. Moe van het vele zitten en kijken vandaag was het tijd om terug naar de camperbus te gaan en tijdens de wandeling naar de bushaltes, blokkeerde een foodtruck mijn looproute. Hè verdorie, wat nou dan? Omdat ik nog een hele busreis voor de boeg had, besloot ik die met een beter gevulde maag te gaan doen. Vers bereide hamburgers van gekruid rul gehakt en gegarneerd met lange slierten roze kool, boerenkool, pepertjes en uien. Eentje was genoeg. Eenmaal terug bij de camper eerst de voeten gekoeld en een poosje gezeten, af en toe een praatje gemaakt met andere Nederlanders over het hoe te betalen van het stageld (daar is een handleiding voor nodig, was mijn ervaring), de stad en de omgeving, de gereden en nog te rijden routes en over klassieke brommers en motoren. Daarna nog een kippensoepje genomen, een vruchtenyoghurttoetje en wat later op de avond ging er nog een zak suikerpinda's open en leeg.

maandag 6 juni: Oslo ~ Holmenkollen Ski Jump ~ Setskog (90 km)

Na een prima nachtrust in de ochtend het schip ingegaan bij het Frammuseet. Alles wat je wilt weten over noordpoolexpedities kun je hier vinden. Natuurlijk van de gortdroge verhalen en dagboeken tot aan de originele schepen, sleeën en uitrustingen. Het was toch best interessant, men is duidelijk trots over hun historie en heeft er een leuk museum van gemaakt. Ongeveer anderhalf uur vertoeft. Daarna doorgegaan naar het Vikingskipshuset wat op enkele minuten met de bus lag. Dit museum was helaas nogal simpel met een paar opgegraven scheepswrakken, karren en kleine voorwerpen maar geen video's of interactieve media wat tegenwoordig toch wel vrij normaal is. Ik was er dan ook vrij snel uitgekeken.

Rond 14:30 uur was ik weer terug bij de camper en werd de enorme trip van 13 km gemaakt naar de Holmenkollbakken Skimuseet & Hopptarn oftewel de olympische skispringschans met museum. Wat wel grappig was, was dat de "snelste" route dwars door Oslo liep waarbij het Vigelandpark werd gepasseerd. Snel was het niet want pas drie kwartier later arriveerde ik bij de schischans... Het skispringschansmuseum gaf natuurlijk heel veel informatie over de geschiedenis van deze sport en over de ontwikkelingen van de ski's. Nou kan ik voor geen meter skiën dus bar interessant vond ik het niet echt, mijn interesse ging voornamelijk uit naar het hoogste punt van de schans met uitzicht over heel Oslo en omgeving. Maar geloof het of niet, uitgerekend vandaag was de lift kapot. Nu ben ik zeker niet lui gezien de inspanningen van de afgelopen twee stadsdagwandelingen, maar om nou de 1286 (of zoiets) treden te voet te moeten doen, heb ik toch maar overgeslagen. Geen figuurlijk en letterlijk hoogtepunt en dus was ik hier eerder klaar dan gepland. Vanaf de parkeerplaats was een houten kerkje te zien waar veel schansspringers voor de zekerheid nog even een schietgebedje doen, dus nu ik er toch ben...

Aangezien het nog geen half vier was, besloot ik alvast een stukje van de route van morgen te rijden, oostwaarts richting Zweden. Via de 150 door en langs de noordelijke buitenwijken van Oslo, daarna via de snelweg E6 naar Skedsmo en via de 22 tot Fetsund. Hier draai ik de 170 op en verandert het landschap snel naar een uitgestrekte groene deken met velden, bossen en zorgvuldig gedrappeerde kleurrijke huizen en boerderijen. In Bjørkelangen bij een soort van toeristeninfo naar een nabije camping gevraagd en die lag ongeveer 10 km verderop bij een meer, kon ik niet missen (jaja). Maar inderdaad, de Tangen Camping og Setskog was nauwelijks te missen hoewel ik door een te lekker tempo bij het uitkomen van de bocht er net aan voorbij schoot, maar een kwartier later stond ik op een idyllisch plekje, eenvoudig en heerlijk stil, met stroom en gratis douches voor de deur.

dinsdag 7 juni: Setskog ~ Stenkällegårdens Camping (350 km)

Nog half slapend naar de douche gewaggeld en eenmaal er onder was ik klaarwakker, niet vanwege de kou maar de hitte van het water. Ik hou van een goed warme douche maar zelfs dit was te heftig voor mij. Gelukkig kon de douchekop er af worden gepakt zodat ik niet zèlf heen en weer hoefde te springen om het enigszins dragelijk te houden. Nou ja, het is weer eens iets anders.

Na een stevig ontbijt tegen tienen op pad via de 21 naar Eidskog en de 2 richting de Noors-Zweedse grens, waar even werd gepauzeerd. Hier ook nog getracht de Noorse Kronen om te wisselen naar de Zweedse variant, maar helaas was er een stroomstoring in het computersysteem. Vanaf de grensovergang draagt de weg nummer 61, een paar kilometer verder in Eda-Glasbruk de glasfabriek bezocht maar helaas was de fabriek dicht want men kreeg nieuwe ovens, wel nog een mooie papier-presse gekocht. Doorgereden naar Charlottenberg naar een bank om de valuta te wisselen en wat te happen. De eerdere stroomstoring bleek groter te zijn dan gedacht want hier was zelfs de gehele bank gesloten. Vreemd genoeg werkte een geldautomaat wel. Vervolgens in de supermarkt o.a. een blok kaas gekocht (superveel keus en flinke blokken ook nog: 1, 2 of 3 kilo kant-en-klaar verpakt) en in de camper gelunched. Vervolgens naar de volgende geplande stop gereden in Karlstad: IKEA!

Ik kom er zo min mogelijk maar ik kan niet ontkennen dat áls ik er doorheen loop, ik meestal met een nieuwsgierige blik en blij gevoel de artikelen afloop. En ik kom altijd met (veel) meer spullen thuis dan op het lijstje stonden, waar ik me ook zeker niet voor schaam want vrijwel alles wordt deels dagelijks en deels regelmatig gebruikt. Maar vandaag heb ik niets nodig, behalve dan een vol bord met Zweedse gehaktballetjes met aardappelpuree en rode kool. Omgerekend ongeveer €4,00 en een fris vruchtensapje daarbij was gratis. Hierna toch nog even een nieuwe wokpan (koopje) en een lange schoenlepel gekocht (ik begin oud te worden). Tja...

Daarna weer verder via de snelweg E18 tot Kristinehamn, zo'n 8,5 km de 26 richting Mariestad, een binnenweg naar Degerfors, daar de 205 volgen naar Laxå en Askersund en de 49 totdat de afslag naar het Tivedens nationalpark wordt aangegeven. Nog maar een paar kilometer naar trollen op de Stenkällegårdens Camping ten zuiden van het Tivedens Nationalpark. De camping was nog erg leeg dus rustig en de bus strategisch geparkeerd op een geheel leeg grasterras met vrij uitzicht over de rest van de camping en het meer. Wel wat meer vliegend ongedierte dan normaal dus de onverdund sterke Scandinavische DEET werd aangebracht. Na een dubbele lunch was de trek beperkt en heb ik het bij een tosti uit de koekenpan gehouden. Smaakte ook prima.

woensdag 8 juni: Stenkällegårdens Camping ~ Tiveden Natuurpark ~ Vrigstad (235 km)

Het was weer eens 06:30 uur voor mij besloot er maar uit te gaan. Omdat mijn mobiel een 4G-internetverbinding had, kroop ik achter de laptop, koppelde de mobiel er aan vast en bekeek wat fora en info over nog te bezoeken punten. Zoals het elandenpark wat ik morgen zou gaan bezoeken, uitgerekend dan gesloten is en mijn planning dus iets bijgestuurd moet worden. Buiten was het bewolkt, het waaide stevig en soms viel er wat regen. Binnen was het aan de frisse kant, meteen maar lekker warm aangekleed, ik besloot om over mijn compressiekousen wandelsokken te doen, eens kijken of dat ging bevallen. Daarna ontbeten en voor mij een drie-dubbele expresso.

Rond 11:30 uur reed ik naar de eerste fotostop via een onverharde weg, het openluchtmuseum Tivedstorp. Het was vrij klein van opzet maar gaf een goed en mooi beeld van hoe het er vroeger uit moet hebben gezien, ik heb er een uurtje aan besteed. Eerst nog een kilometer of dertig via slingerende zandwegen linksom om het natuurpark heen, daarna via de 49 naar Mölltorp en de 195 richting Jönköping langs het grote meer Vättern. Halverwege de dieseltank weer volgegooid en meteen bij het chauffeurscafé/pizzeria gegeten: een grote pizza die erg lekker was. Ongeveer 4 km ten westen van Habo staat een bijzonder mooie en rode kerk met losse klokkenstoel, zeker de moeite waarde om een klein stukje daarvoor om te rijden. Bij Habo moet je dan rechtsaf richting Mullsjö en de bruine borden "Habo k:a" volgen. Na de bezichtiging ging ik het hoekje om bij de klokkenstoel, zuidwaarts (blauw bordje "Jönköping 19"), 150 meter verder hou je links aan bij de splitsing (blauw bordje "8 Bankeryd"), een schitterende weg. Aan het eind volgde ik weer de hoofdweg 26 naar Jönköping.

Bij Jönköping kruiste ik de hoofdweg 40 bij Ulvstorp en ging rechtdoor via de sfeervolle binnenweggetjes naar Bondstorp. Zo werd het rijden weer aangenaam, veel bochtenwerk, overwegend goed asfalt, weinig hobbelen, vooral weinig verkeer/tegenliggers en als bonus geen flitspalen. Deze wegen halen het motorgevoel in mij naar boven waardoor het tempo wat omhoog ging en de bochten wat rechter werden gemaakt. In het gehucht Bondstorp linksaf naar en voorbij Vaggeryd, uiteindelijk eindigt de weg bij hoofdweg 30, dan rechtsaf naar Vrigstad, hier weer linksaf via de 127 richting Sävsjö en 300 meter verderop rechtsaf richting Stocharyd. Na 1100 meter (na de flauwe rechterbocht) linksaf slaan naar de Hagens Camping (Nederlandse eigenaren) met het privé-elandenpark. Gearriveerd om 17:30 uur dus het park was gesloten maar een uurtje later kon ik samen met eigenaar Jos meelopen om te kijken bij het voeren van de elanden en rendieren. Supergaaf!

donderdag 9 juni: Vrigstad ~ Stora Frö, Öland (295 km)

Het was flink afgekoeld vannacht en bij het opstaan werd dit ook meteen bevestigd op de wekker want die gaf 9,8 graden aan! Brrr... Gelukkig scheen de zon al wat en warmde het zowel buiten als binnen vrij snel op tot een meer behaaglijke waarde.

Vergeleken met de oorspronkelijke planning liep ik een dag op het schema voor en was er dus tijd voor een toevoeging. Dat werd de Parel in de Baltische Zee, het op een na grootste eiland en de favoriete vakantiebestemming voor veel Zweden: Öland. Bovendien UNESCO werelderfgoed door Europa's grootste kalksteenplateau wat een rijke voedingsbodem is voor veel zeldzame orchideeën. Het eiland is voor iedereen interessant: witte zandstranden, schilderachtige landschappen, mooiste zonsondergangen (Magic Lights), kliffen en rotsformaties (Byrum’s Raukar), Trollenbos met houten loopbruggen door moerasachtig landschap, fossielen zoeken noordelijkste punt bij vuurtoren Långe Erik, vogels spotten zuidelijkste punt bij vuurtoren Långe Jan en nog veel meer. Afijn, genoeg te ontdekken hier maar natuurlijk niet in een enkel dagje.

Vanaf de camping eerst een stukje 127 en daarna via Landsbro, Myresjö en Korsberga zoveel mogelijk binnendoor gereden, extra bochten en heuveltjes, prima asfalt, vrijwel uitgestorven en een overdadige hoeveelheid groen waardoor je je teruggeworpen in de tijd waande. De pittoreske dorpjes als Nye, Farstorp, Nashult, Hultanäs, Björkshult, Kråksmåla, Alsterbro en Bäckebo versterkten dat gevoel. Bij Kalmar de oversteek via de Õlandsbron (brugverbinding sinds 1972 en een van de langste in Europa) naar het eiland genomen. Direct op Õland de toeristeninfo bezocht voor foldertjes met campings en bezienswaardigheden, daarna nog even bij de Netto-supermarkt naar binnen gewipt voor een brood en boter (de enige echte Lätta...).

Ik vind vuurtorens altijd wel aantrekkelijk (roodharige Zweedsen ook maar die zijn vrij schaars) en nam "Långe Jan" bij de zuidelijkste punt als doel omdat de naam "Jan" nou niet echt de eerste Zweedse naam is die in mij opkomt. In het noorden staat overigens de "Långe Erik"... Afijn, hier de feitjes: Långe Jan werd voor het eerst aangestoken op 1 november 1785 na een bouwperiode van bijna twee jaar. De vuurtoren was toen 60 el hoog (ongeveer 36 meter) met een diameter van ongeveer 12 meter en met 197 treden naar boven. Långe Jan is vandaag 41,6 meter en de hoogste vuurtoren van Zweden.
De officiële naam van de vuurtoren is de "Zuidkaap van Öland" (Ölands södra udde). De naam Långe Jan is afgeleid van de middeleeuwse kapel Capella Beati Johannis of S: t Johannes (Jan), de kapel bevond zich in het oude vissersdorp Kyrkhamn op de zuidkaap van Öland. De kapel werd na de Reformatie afgebroken en de steen werd gebruikt om de vuurtoren te bouwen. Een stenen kruispunt ten westen van de weg tussen Långe Jan en Ottenby kungsgård markeert de plaats van de toenmalige kapel.
Vanaf het begin is de vuurtoren gebouwd als een open kolenvuurtoren, met kolenlagen in de binnenste drie kamers, de bovenste was bedoeld voor het vuurtorenpersoneel. Het huidige lantaarn- en lenssysteem dateert uit 1907. Het werd witgekalkt in 1845 en ergens in de tweede helft van de 19e eeuw kreeg het zijn ring, eerst rood en daarna zwart. Het werd in 1948 geëlektrificeerd en is tegenwoordig onbemand en volledig automatisch.

Het was tijd geworden om een geschikte camping te zoeken, in ieder geval met stroomaansluiting, internet en sani-service voor de camper want de vuilwatertank zat aardig vol, het chemisch toilet nog niet maar tussentijds legen en doorspoelen kan nooit kwaad en van vers water voor toiletspoeling en afwaswater kun je nooit genoeg hebben. De eerste camping lag op slechts enkele kilometers van de vuurtoren maar dat zag er nogal sober uit. De volgende zag er erg gesloten uit, de derde was meer een QuickStop-plek zonder de gewenste faciliteiten, de vierde (Haga Park camping & stugor) in het plaatsje Stora Frö was stúkken beter en zag er uitnodigend uit, was waarschijnlijk ook de duurste en dat klopte ook wel. Maar, alles dichtbij de camper en volop de ruimte (en rust).

vrijdag 10 juni: Stora Frö, Öland ~ Simrishamn (370 km)

Half tien reed ik weg, op naar Eketorps Borg (burcht dus). De boel was uitgestorven maar de poort was wel gewoon open dus kon ik naar binnen huppelen. Het was best interessant met een stukje over de verdedigingsmuur lopen, de bouwtechniek van de replica-hutten bekijken en hier en daar wat informatieborden lezen over het vroegere leven. Een uurtje later ging ik weer verder om terug naar het vaste land te gaan want het eindpunt is nog 350 km rijden over grotendeels leuke stuurweggetjes en onderweg zijn er ook nog een aantal pauze-/fotostops. Bovendien duurde het toch nog een uur voordat ik de brug opreed vanwege de talloze dorpjes en gehuchten waar 40 km/u de limiet was.

Na de brug een klein stukje snelweg genomen, om daarna tot aan Bromölla weer geheel via de binnenwegen te rijden. De afwisseling was weer enorm, van perfect glad gestreken asfalt, brede rijbanen waar je makkelijk met een noodgang overheen kon denderen, tot aan "gele wegen" die niet veel breder waren dan de camperbus en waar je hoopte dat geen tegenligger zou opdoemen. Ik kwam op weggetjes die nauwelijks voor campers geschikt zijn maar er was één ding wat al die binnenwegen gemeen hadden en dat was natuurschoon. Wat een geweldig land om te doorkruisen!

In Bromölla is een mozaïekfontijn met twee Scanisaurussen dus een kleurrijk fotomoment waard. Via de snelweg langs Kristianstad naar Kivik waar een koningsgraf(heuvel) te zien is, de bewegwijzering kon beter want het lag aan de rand van een woonwijk en natuurlijk was ik daar pas tien over vijf zodat er niemand meer open deed. Veel meer dan een paar kiekjes nemen van de buitenkant was er niet te doen dus weer hup de bus in. Onderweg naar de havenplaats Simrishamn heb ik twee campings vluchtig bekeken en ben uiteindelijk via pure GPS-coördinaten beland bij nummer drie, Tobisviks Camping met alle faciliteiten "naast de schuifdeur" en goede wifi.

zaterdag 11 juni: Simrishamn ~ Malmö (178 km)

Rond achten wakker, kop onder de kraan om wakkerder te worden. Korte wandeling gemaakt naar het strand, ontbeten met een dubbele expresso, afgewassen/opgeruimd en dan naar de andere kant van de camping sukkelen om vuilwater te lozen en verswater in te slaan.

Het eerste fotopunt was Stenshuvud National Park, voor een wandeling door een bosrijk vogelgebied wat halverwege uitkomt op het strand. Ik parkeerde de bus en hobbelde met behulp van de trekkingstokken heuvelafwaarts naar de (zo bleek dus) 300 meter verderop gelegen echte ingang met (zo bleek dus ook) parkeerplaats (krieltjes met prut...!). Terughobbelen en bus ophalen vond ik echter weinig zin hebben, dus begon ik maar aan de wandelroute (de blauwe van 1100 meter). De (éénrichtings)route zelf was erg mooi en via een houten plankenpad ook prettig te belopen. Halverwege even de derrière in het witte zand geparkeerd en een half uurtje zitten genieten in de duin in het zonnetje. Toen de resterende 500 meter die natuurlijk weer uitkwam bij de officiële parkeerplaats waar de camper dus niet stond. Na nog eens 300 meter bergopwaarts en met de tong op de schoenen, plofte ik neer en tussen de hijgbuien door, deed ik mij tegoed aan een grote gevulde koek en een flesje water. Energieniveau werd weer een beetje hersteld.

Puntje twee van vandaag: Gladsax Ängakroken oftewel de Järrestad rotstekeningen, altijd leuk. Via grotendeels dezelfde weg terug en steeds kleiner wordende wegen, draaie ik een onverhard karrespoor in, hobbelde en wiegde de bus op, neer, heen en weer en volgens de GPS-coördinaten lag het fotomoment 80 meter na de bocht. De zeer zachte berm belette de camper hier tijdelijk te parkeren, dus hobbelde ik nog een stukje door totdat ik er achter kwam dat de kans op een redelijke parkeerplek wel heel erg klein aan het worden was. Er zat niets anders op dan om te keren en bij het achteruit steken op een stukje grasland, voelde ik de achteras langzaam tussen de grassprieten wegzakken. Gelukkig hadden de voorwielen nog net voldoende grip zodat ik geen hulp hoefde in te roepen van een nabij gelegen boerderij. Afijn, om een kort verhaal lang te maken, de rotstekeningen heb ik dus niet ontdekt. Later bleek dat er ook nog een tippel gemaakt moest worden door een akkerperceel... Nou ja, ik ben in ieder geval in de buurt geweest.

Puntje drie: Glimmingehus. Kort maar krachtig, leuk optrekje van een rijke stinkert die graag wil pochen. Binnenshuis heb ik overgeslagen (veel trappen) en bovendien vond ik de buitenkant al mooi zat. Lekker zonnetje, koud windje, gratis toiletten en in de camper gelunched. Prima zo.

Puntje vier: Sandhammaren Fyr oftewel de gelijknamige vuurtoren. Via de "grote weg" en een verhard bospad was dit puntje zo gevonden, alleen was hij wel wat klein, ongeveer 3 meter 50 hoog. Iets verder gereden en de bus aan de kant gestald, pal naast de echte vuurtoren in de schaal 1 op 1. Het strand had ik al twee keer gezien vandaag dus ging lekker relaxt in het zonnetje in de schuifdeuropening zitten om weer even dromerig om me heen te kijken.

Op naar puntje vijf: Ales Stenenformatie in schipvorm. Dit ligt bovenop de klif Kåsehuvud in het gezellige havenplaatsje Kåseberga. Parkeren bij de haven kostte wat tijd omdat een aantal Zweden nogal ongeduldig waren bij het zoeken van een plaatsje voor hun bolide. Vanhet plekje waar geen Zweed hun auto voorwaarts in kon krijgen, maakte ik dankbaar gebruik om de camperbus achteruit in te parkeren. Het portier kon niet meer ver genoeg open om zelf uit te kunnen stappen, maar dan is de schuifdeur weer handig... De klim naar de klif was nogal (lood)zwaar voor mij en bijbehorende conditie, maar uiteindelijk kwam ik boven. De stenenformatie en de historie ervan was zeker de moeite waard, vergelijkbaar met Stonehenge in Engeland). Weer terug in de haven een ijsje gegeten (twee bolletjes ijs en daarop een flinke klodder softijs) dus eigenlijk twee ijsjes...

Puntje zes: de LIDL in Trelleborg voor wat reguliere boodschappen. Via de E22, je denkt da's een snelweg maar nee, het was een doodgewone doorgaande weg waar je meestal 60 of 70 mocht rijden, maar wel grotendeels langs de zuidkust dus dat was wel weer erg mooi. In Trelleborg vreemd genoeg de LIDL niet gevonden, wel de kyrka (kerk) waar ik helemaal niet naar op zoek was. Per ongeluk toch gezien en is een half puntje waard.

Puntje zeven was het laatste puntje van vandaag: Malmö kasteel. Maar omdat ik al best wel veel had gedaan en het ook al eind middag was geworden, ging ik liever meteen maar op zoek naar een geschikte overnachtingsplek. Kort geparkeerd bij een zwembad aan zee maar door groepvorming van jongeren met snelle auto's en de totale afwezigheid van andere campers, reed ik verder richting de dure strandcamping. Hierbij passeerde ik een officiële camperplaats waar anderen hun plekje al hadden uitgekozen. Grote parkeerplaats ook met riant uitzicht op zee en de imposante Øresundbrug, dus camper geparkeerd. Lekker gegeten, uitgebuikt, zonsondergang met verlichte brug, 's nachts bleef erg stil zonder vreemde snuiters, prima geslapen, prima afsluiting van een drukke dag.

zondag 12 juni: Malmö ~ Maribo (223 km)

Na een prima nachtrust werd ik ongeveer als eerste van de rij campers wakker met een lekker zonnetje in m'n giechel. Beetje vlot uit de veren en klaargemaakt voor de rit naar Maribo in Denemarken. Na het ontbijt het gebruikelijke ritueel en nog een laatste check. Om 09:30 uur reed ik weg, tien minuten later rekende ik de tol af en reed de Øresundbrug op naar Denemarken, de hele rit (brug + tunnel) duurde 13 minuten. Vandaag geen fotostops of bezienswaardigheden maar gewoon lekker relaxt gereden en geprobeerd halverwege de middag bij de camping in Maribo te arriveren. Is ook wel eens lekker om de tweede helft van de middag gewoon beetje te kunnen prutsen met je eigen dingen, zoals het schrijven van het dagverslag van gisteren en dat van vandaag.

Na vijf kwartier snelweg draaide ik om 10:40 uur bij Køge de snelweg af en vervolgde de route via de leukere binnendoorwegen. Ondanks soms wat oponthoud door onlogisch en dus onveilig rijgedrag van oudjes (te hard waar het niet kan en te zacht waar het niet moet...), verliep de route bijna geheel volgens planning. Het ene minpuntje was een wegopbreking die niet voortijds was aangegeven en vanaf de hoofdweg niet zichtbaar was, maar 300 meter nadat je de hoofdweg had verlaten de afsluiting ineens opdook. Handig... Dus rechtsomkeert gemaakt naar de hoofdweg en zelf maar een omleiding bedacht. Uiteindelijk heb ik de GPS net zo vaak laten herberekenen totdat ze mij niet meer wilde terugleiden naar de opengebroken weg, qua eigenwijsheid win ik het sowieso van haar/hem. Tegen enen op een groen plekje de camper geparkeerd en gelunched met zoete broodgebakjes. De laatste 30 km verliep zeer voorspoedig en net tweeën stond ik bij de Maribo Sø Camping, mooi plekje dichtbij het sanitairgebouw uitgekozen, stroomaansluiting erbij EN supersnel wifi.

maandag 13 juni: Maribo ~ Uchte (366 km)

Om 07:00 uur ging één oog van mij open en meteen weer dicht, een uurtje later gingen er alsnog twee open. Na de medicatie in pyama en fleecejas richting de douche, die eenvoudig doch functioneel was en bovendien voorzien van een thermostaatkraan zonder tijdautomaat. Na 20 minuten was ik wakker, warm en schoon, daarna rustig aan ontbeten en rond elven vertrokken.

Nog even langs de supermarkt voor een Deens broodje want daaraan heb ik goede herinneringen. De overtocht was wat prijziger dan op de ANWB-website stond vermeld, het inschepen verliep echter gesmeerd en de overtocht van 20 km duurde ongeveer drie kwartier, binnen het uur van Deense tot Duitse kade. Zelfs de ICE-trein maakt gebruik van deze veerboot en dat je bij het afrijden gelijk oprijdt met zo'n trein, blijft indrukwekkend. Overigens zal deze bootverbinding over een aantal jaren (2023?) stevige concurrentie gaan krijgen van de tunnelverbinding die in de maak is...

De GPS heeft het vandaag rustig want de route zal uit overwegend (echte) snelwegen bestaan: 23 km B207 tot Heiligenhafen, 165 km A1 tot Hamburg, 90 km A7 tot aan afslag 50 en 70 km via B214 (Nienburg), B215 (Leese/Stolzenau) en B441 (Uchte). Een vrijwel continue op rood staand verkeerslicht enkele kilometers na de veerboot en wat beginnende files bij Hamburg, zorgden voor een uur vertraging, maar voor de rest mocht ik niet klagen. Tegen 17:45 uur reed ik in Uchte de camperplaats op die gelukkig duidelijk stond aangegeven, midden in het dorpje op een boomrijk pleintje met een aantal stroompalen (€1,00 = 8 uur stroom). Met de neus richting de stroompaal heb ik uitzicht op het kleine busstation en een zacht stromend riviertje, van beiden heb je weinig geluid. Veel interessanter vond ik de "Bäckerei / Konditorei" die rechts van mij ligt. Mijn diner bestond uit Zweedse pantosti met als toetje een stuk Deense driehoekkoek (grote platte "appelflap" van bladerdeeg met chocolade bovenop en amandelspijs binnenin).

dinsdag 14 juni: Uchte ~ Culemborg (305 km)

Na een rustige nacht zorgt het busstationnetje voor rustig wakker worden vanaf 07:00 uur. In de bakkerij brandt al licht wat goed nieuws is want verse lekkernijen worden op dit moment afgebakken. Een half uurtje later huppel ik naar de bakker en besluit ter plekke om mijn laatste ontbijt-op-wielen extra feestelijk te eindigen met Wienerbollen en puddingbroodjes. Rond 09:30 uur reed ik uit Uchte weg, kort daarna maakten de zonnestralen plaats voor grijze wolken en werd het steeds natter. Van miezer tot stevige buien met korte droge perioden daartussen, de hendel voor de ruitenwisserstanden vroeg regelmatig mijn aandacht want de hoeveelheid hemelwater wisselde continue. Aan de andere kant bleek deze afleiding best oké want de snelweg bood weinig afwisseling. Op Nederlands grondgebied werd het droog en een klein uurtje later was ik weer thuis.

Nawoord

Deze reis was perfect, de natuur overweldigend, de mensen enorm behulpzaam en vriendelijk en ook trots op hun land, de wegen goed onderhouden en het vrijstaan (Allemansrecht) is ideaal zolang de techniek meewerkt. In totaal heb ik bijna 4300 km afgelegd, gerekend vanaf thuis. De "bewogen gemiddelde snelheid" was in Noorwegen zo'n 45 km/u, in Zweden omstreeks 60 km/u omdat de wegen minder hoogteverschil hoeven te overbruggen waardoor ze ook een stuk rechter zijn. Er is ook veel minder verkeer op de weg waardoor je soms niemand tegenkomt, wat zowel voordelen als een nadeel heeft (pech krijgen). Op de meeste wegen heb ik zelden de toegestane maximum snelheid gehaald, vaak reed ik zo'n 10 km/u daaronder, hard zat zonder overig verkeer te hinderen. De eerste paar dagen ben ik nog wel eens uitgeweken naar de vluchtstrook of uitwijkhaven, maar vaak moest ik zo hard remmen dat de indeling van de kastjes steeds veranderde. De Noren gedragen zich netjes in het verkeer, de Zweden doen het nog wat beter en de Denen zijn het netst.

Een eigen camper is verreweg het beste van twee werelden en ik stroom over van ideeën die voorlopig netjes worden genoteerd of uitgetekend. Zoals in de praktijk is ondervonden: automatisch levelsysteem, hoog bed in lengterichting, garageruimte daaronder voor bijvoorbeeld een compacte Honda Monkey (voor korte lokale ritjes), opvouwbare en wegdraai-/klapbare eettafel, keramische kookplaat/hete luchtverwarming/warmwatervoorziening op diesel (want dat heb je sowieso bij je), enkel een buitendouche, zonnepanelen op het dak, LED-interieur- en nachtverlichting, minimaal 100 liter verswatertank, los zonnedoek, compressorkoelkast zoals thuis, privacy glass ramen, krachtig ventilatiesysteem - liefst inclusief droogkast voor kleding - en natuurlijk een veilig, betrouwbaar, flexibel en logisch ingedeeld electrasysteem met een eigen groepen- & zekeringenkast. Op zo'n 6 vierkante meter is het gewoon erg lastig om het optimaal te benutten en steeds vaker zie je slimmigheidjes waarbij bijvoorbeeld het bed (onderste deel) uitschuift over het aanrechtblad en kookplaat, want die gebruik je toch niet 's-nachts. Maar goed, dat is allemaal toekomstmuziek...

Biltse Motorrijders Vereniging
RPO Webdesign (© 2011)
--- KvK 54971616 ---

Deze website maakt gebruik van cookies, zie hiervoor onze Privacyverklaring.