Reisverslag Noorwegen (2017)

Eindelijk ging dit keer de oorspronkelijke wens van 10 jaar geleden in vervulling voor mijn vrouw en ik! Waar in 2016 wegens mijn lichamelijke beperkingen alleen nog maar een deel van het Telemarkengebied en Oslo konden worden bezocht, was ik nu voldoende hersteld om de uitdagende bergwegen en hoogvlaktes te gaan verkennen. Hoogtepunten als de rotshuisjes, Preikestølen, Bergen, Geiranger en Gol, ongeveer de helft van de originele staafkerken, fjorden en watervallen en het kronkelende asfalt dwars door de ruige natuur. De totale route was 4725 km waarvan 2145 in Noorwegen, startend in Kristiansand en met de klok mee eindigend in Oslo.

De camper die we hiervoor gebruikten was een Bürstner Ixeo 726G Time, een half-integraal en modeljaar 2016, lekker luxe met o.a. bedden in de lengterichting, grote berging, riante koel/vriescombinatie, satelliet-TV, semi-automatische versnellingsbak en sterke 2,4 liter turbodieselmotor. Het reed geweldig, echter hadden we onderweg toch nog wel met een aantal problemen te kampen, maar dat lees je snel genoeg...

De routekaarten per dag tonen aan in welke richting de route wordt gevolgd, van groen (eventueel via oranje) naar rood.

21 juli 2017 (vr): Elst ~ Handewitt (605 km)

Omdat het de volgende dag in Duitsland zwarte zaterdag was, hadden we met de verhuurder afgesproken dat we de camper begin van de middag wilden ophalen. Toen we daar waren lag het dashboard half open omdat de achteruitrijcamera het niet deed, wat ik wel een tegenvaller vond aangezien de achterkant volledig raamloos is. Jammer dat de verhuurder geen gehele controle had gedaan toen de camper door de vorige huurders werd ingeleverd, 3 dagen eerder nota bene. De camera bleek kapot en een nieuwe was niet zo 1-2-3 voorhanden. Dan maar manoeuvreren puur op de buitenspiegels en de vrouw naar buiten sturen indien noodzakelijk.

De tweede helft van de middag werd besteed om alle kratten, tassen, rugzakken, hutkoffers, gereedschapskisten (niet met gereedschap overigens), droogrekken, een skottelbraai en een verstandig assortiment proviand en drank een tijdelijke plek te geven. Gedurende de eerste dagen zal er nog wel het een en ander van plaats veranderen, maar dat is normaal wanneer je met een huurcamper onderweg bent. De eitjes liggen veilig in de koelkast, alhoewel, ook daar kan het kapot (indien gewenst).

's Avonds gezellig gegeten en na het afscheid nemen van de thuisblijvers, vertrokken wij om 20:30 uur. Het in de duisternis rijden ging prima en nauwelijks meer vermoeiend dan met daglicht. De verkeersdrukte nam na Bremen al behoorlijk af, na Hamburg werd het bijna stil met af en toe een heuse streetrace tussen twee Audi's en Italiaanse bolides als afwisseling. Onderweg enkele malen kort gepauzeerd om de benen te strekken, wat te drinken en te controleren of alle toegangsluiken (van berging, gaskast, walstroom en toiletcassette) nog goed vergrendeld waren (ja). Na wat Baustellen en Umleitungen vond ik het rond 03:00 uur wel genoeg en een half uurtje later parkeerde ik de camper op het Scandinavian Park in Handewitt, waar de ogen snel dichtvielen.

22 juli 2017: Handewitt ~ Sevel (240 km)

Vijf à zes uurtjes later gingen de rolluiken met enige tegenzin weer omhoog. Na een wat onwennige en onhandige opstart, zaten we toch nog vrij vlot aan het ontbijt. De koffie zat nog ergens in een krat achterin de garage, dus dan maar een theetje, ook best. Wat later nog even een rondje gedaan in de megastore terplekke en wat lekkernijen ingeslagen. Vooral veel Denen, Zweden en Noren die hier busladingen proviant komen halen, want luxe goederen zoals vlees, vis, wijnen en sterke drank, chocolade, zoetwaren en chips/zoutjes, zijn twee tot vijf maal zo duur als hier in Duitsland.

Terug in de camper knipperde een alarmlichtje op het controlepaneel, bleek de woonaccu vrijwel leeg getrokken te zijn. Ergens liep dus (en waarschijnlijk nu nog steeds) een gigantische lekstroom om de 95Ah semi-tractieaccu in ongeveer 8 uur leeg te krijgen. Waarschijnlijk hadden de vorige huurders hier ook al nare ervaringen mee, aangezien zij de stekkers van de TV en satellietschotel hadden ontkoppeld. Toen wij de camper ophaalden, waren die items met veel moeite door de verhuurder weer aangesloten. Na enkele overdenkingen besloten wij diezelfde stekkers ook maar eruit te trekken. Hoewel Handewitt naast de snelweg ligt, reden wij vanaf hier via binnendoorwegen. De zomerdrukte door de grenscontroles liepen wij op die manier mooi mis. Het binnendoor rijden is natuurlijk veel leuker en gisteren hadden we toch al erg weinig van de omgeving gezien want het was tenslotte erg donker. Onderweg afwisselend een mager zonnetje en enkele buien. Vooral dat laatste was handig om de vele insectenlijkjes van de voorruit te wassen/wissen. Verderop in Ribe gelunched met een heerlijk en rijk belegd broodje en een beetje rondgelopen door het oude centrum. Er was heel veel veranderd rondom het centrum getuige de vele nieuwbouw, winkels e.d. Ribe is volwassen geworden.

Hoe meer de dag vorderde, hoe natter het werd en dan zien zelfs de gele koolzaadvelden er treurig uit. De natuurcamping in Sevel (Sevel Camping) werd om 20:30 uur bereikt.

23 juli 2017: Sevel ~ Hirtshals (180 km)

Het woord natuurcamping is nauw verwant aan het woord vliegen want daarvan hadden wij er heel wat doodgemept en afgevoerd. Niet dat het echt iets hielp want hoe snel je de deur ook open en dicht deed, zag een vlieg altijd nog wel een kans om binnen te dringen. Maar goed... Vlot ontbeten en snel weer weg. De zon liet zich niet zien, af en toe wat miezer maar meestal gewoon regen. De hendel van de ruitenwisser werd vaker gebruikt dan gewenst, echter de voorruit bleef brandschoon, dat dan weer wel. De route is natuurlijk van mijn hand en dus viel er genoeg te sturen en te zien. De cruise control stond ingesteld op 80 km/u en dat was vlot genoeg om het verkeer voor ons op afstand te houden. Dit omdat veel Denen ineens beginnen te remmen en pas op het allerlaatste moment aangeven dat ze gaan afslaan. Die tussenafstand was meestal groot genoeg om beide voeten relaxt op de voetenbank te kunnen houden.

De laatste 30 km werd het drukker op de weg en doorkruisten we veel kleine dorpjes waardoor het tempo er wel uit was. Iets na 13:00 uur reden wij Hirtshals Camping op en er was nog genoeg plaats. Mijn vrouw regelde een plek met stroom (want de accu hield nog steeds nauwelijks lading vast) en ik verschoonde alvast de toiletcassette. Het regende aanhoudend en dat bleef zo gedurende de avond en nacht. Aan de andere kant waren wij weer een stukje dichter bij het Noorse landschap, 145 km om precies te zijn.

24 juli 2017: Hirtshals ~ Grendi (230 km)

De ochtend startte met enkele zonnestralen en op af en toe wat gemiezer na, bleef het droog. Door onze goede ervaringen vorig jaar, hadden wij ook nu weer het ticket gereserveerd via Fjordline.com voor de FjordCat. Ook best veel motorrijders her en der in de rij, en ik hoopte dat het aan de overkant droog zou zijn voor ze. Hoewel een Noors gezegde luidt slecht weer bestaat niet, slechte kleding wel, weten wij allemaal wat aanhoudende regen met je doet.

Na het inchecken en een gekleurd papiertje achter de voorruit (de camper is 2,95 meter hoog), duurde het nog even voordat het parkeerdekpersoneel ons wenkte om het schip in te gaan. Eenmaal binnen hoef je in principe alleen nog maar hun handgebaren op te volgen en doe je het goed, dan sta je binnen de minuut exact waar zij jou willen hebben, op de centimeter nauwkeurig.

De FjordCat nam de eerste 140 km voor zijn rekening en met zo'n 60 km/u deed hij hier bijna tweeënhalf uur over. De zee was kalm en zodoende durfde mijn vrouw ook een rondje over het schip te maken. Rond 12:45 uur reden wij de boot af en kon er gestart worden met de uitgestippelde routes door de indrukwekkende natuur. Alhoewel, gisteravond had ik de verhuurder gebeld over het stroomprobleem en uitgelegd dat er dus nauwelijks of zelfs geheel niet vrijgestaan kon worden. Hij stelde voor om dan maar de woonaccu te laten vervangen, de kosten hiervan kregen wij dan direct op onze bankrekening teruggestort. Ik had dus meteen op de laptop gezocht naar accuspecialisten en er bleek er eentje in Kristiansand te zitten op slechts enkele kilometers van de haven, Skandinavisk Batteriimport. Vanochtend verscheidene keren hen gebeld maar er werd niet opgenomen, dus toen maar op goed geluk daarheen gereden. De benodigde AGM-accu met de juiste specificaties had men gewoon op voorraad en na het aftikken van 2640 NOK, werd deze dus gemonteerd. Een kwartiertje later konden wij weer verder. Omdat we wat van de oorspronkelijk bedoelde route waren afgeweken, berekende de GPS een alternatieve route naar het eindpunt. In eerste instantie leek 'ie ons de verkeerde kant op te sturen maar daar bleek enige tijd later een goede reden voor: een prachtige weg, wat hobbelig in het begin maar daarna een pareltje. Ook wel wat smaller en bochtiger dan mijn bedoeling was, dus was dit mijn vuurdoop. Het ging mij prima af en de camper en inhoud is nog heel. De eitjes ook.

Het tussenpunt bevond zich nabij Grendi, Elgtun oftewel een elandenpark. Dit hadden wij vorig jaar in Zweden meegemaakt en was gewoonweg te leuk en bijzonder om links te laten liggen. De kans om een eland overdag te zien in de vrije natuur is nagenoeg nihil, meestal zie je ze pas als het donker begint te worden (of het al is) en dan meestal van heel dichtbij op je motorkap... De elanden en hun kalfjes leven in een walhalla: drie maaltijden per dag, modderbadfaciliteiten, massage door de verzorgers, fruit- en groentesnacks tussendoor en ook nog dagelijks de sterren van de show spelen. Ook kregen wij een wandeling door het bos waarbij de oprichter van het park met de nodige sterke verhalen en een flinke dosis humor de bezoekers van veel nuttige informatie voorzag. De wandeling bevatte behoorlijk wat klauterwerk wat wij toch wel goed in de benen voelden.

Na het bezoek eerst gekookt (spaghetti) om onze hongerige magen te vullen met koolhydraten, daarna netjes afgewassen en even uitgebuikt. Hoewel wij officieel op het Elgtun-terrein mochten overnachten, hadden wij bij nader inzien toch een andere overnachtingsplek gevonden in de vrije natuur aan een betrekkelijk rustige binnendoorweg (GPS-coördinaten: 58.521382, 7.613691). Dit vanwege de grote afstand die wij de volgende dag moesten gaan rijden, 290 km over enkel- en tweebaanswegen, waar de gemiddelde snelheid niet vaak boven de 40 km/u uit komt. Zeg maar gerust een volle dag rijden, exclusief pauze- en fotostops.

25 juli 2017: Grendi ~ Jørpeland (290 km)

Bijtijds opgestaan om uiterlijk om 09:00 uur te kunnen gaan rijden. Een tussenstop gemaakt in Flekkefjord voor enkele boodschappen waarbij in het centrum parkeren de eerste twee uur gratis was, ideaal. Daarna via een mooie, bochtige weg (soms maar net breed genoeg voor onze camper) naar Helleren, waar twee houten huisjes staan verscholen tegen een overhangende rotswand, heel bijzonder en vallend smeltwater voor de deur. Kostte een klein uurtje om alle indrukken goed in je op te nemen.

Een klein stukje verder was de Ruggesteinen, een 70 ton wegend rotsblok wat met handkracht in een schommelende beweging gezet kan worden (de grootste in Europa). Niet veel maar toch. Het is ons beiden gelukt maar iets later (toen wij zaten uit te hijgen met moeders muffins in de hand) deden drie mannen daar nog een schepje bovenop en kon het gebonk van de rots tot in verre omstreken worden gehoord.

Hierna was het nog ruim 100 km naar de veerboot Lauvvik - Oanes en daarna nog 11 km tot de overnachtplek. Ik had een leuk plekje uitgezocht aan een meer maar de weg daarheen was onderhevig aan wegwerkzaamheden waardoor de snelheid ook zeer beperkt bleef. Omdat we de volgende ochtend zo vroeg mogelijk aan de Preikestolen-wandeling wilden beginnen, besloten we om een andere plek te kiezen, een officiële picknickplaats met superschoon toiletgebouw en servicepunt voor campers, gelegen aan het Botnefjorden (GPS-coördinaten: 59.005506, 6.070046) op ongeveer 10 km van de Preikestølen.

26 juli 2017: Jørpeland ~ Wathne Camping (50 km)

Vanochtend om 05:30 uur opgestaan, het is tenslotte vakantie... Opgefrist, koolhydraat- en suikerrijk ontbeten, meerdere waterflesjes, druivesuiker en diverse soorten en smaken oplosspul, ook een thermosfles heet water voor een zout soepje op z'n tijd en tot slot nog wat ruimte overhouden in de rugzakken voor als de fleecevesten uit gaan. Thuis had ik reeds uitgetest met welke sokken ik het langst kon wandelen, dat bleek een combinatie van twee paar sokken te zijn: compressiekousen met daar overheen Bridgedale-trekkingsokken (die al bijna 20 jaar oud zijn!). Om 07:30 uur begonnen wij aan de tocht en die gaat ons nog lang heugen. Ik zal jullie de details besparen maar na ruim tweeënhalf uur klimmen, klauteren, afdalen en puffen over zand- en gravelpaden, losse keien, kleine en grote rotsblokken, houten vlonders en bruggetjes, hadden wij het rotsplateau gehaald.

Wat een geweldig uitzicht had je daar, de rand van het plateau natuurlijk zonder valbescherming dus niet uit balans raken, plat op de buik liggend over de rand kijken, de waterspiegel van het Lysefjord 604 meter onder je. Het zonnetje was zelfs doorgebroken en het was dus extra genieten! Om de 10 minuten vloog er een sportvliegtuigje of helicopter langs het plateau om te zien of alles oké was. Verstuik of breek je iets, dan is de enige weg terug: de reddingshelicopter. Gebeurt bijna wekelijks. Een uurtje later begonnen we voldoende aangesterkt aan dezelfde weg terug en dat was nóg zwaarder, o.a. doordat er op dit tijdstip veel tegenliggers zijn en dan is het nog beter oppassen waar je je voeten en stokpunten neerzet. Eenmaal terug bij de camper waren wij tijdelijk buiten dienst om het netjes te zeggen. Van spierpijnen en andere inspanningsongemakken had mijn vrouw nog wel een paar dagen last, ik vreemd genoeg niet en dat was maar goed ook want ik ben de chauffeur tenslotte.

Het is een klein stukje naar de camping, onderweg kort gestopt om wat rotstekeningen uit de Bronstijd te bekijken. De camper aan het infuus zodat de nieuwe boordaccu de volle lading kreeg. 's Avonds nog even teruggekeken op de bijzonder sportieve en indrukwekkende dagbesteding. Een hele prestatie, zeker voor niet-wandelaars als wij. Wel hebben onze trekkingstokken hun nut bewezen want zonder die twee extra houvastpunten, zouden wij zeker minimaal 86 keer zijn uitgegleden of in een afgrond zijn gedonderd. Het is een trail dus nergens hekken, leuningen of touwen om je aan vast te houden. Voor mijn vrouw was de Preikestolen eens en nooit meer, ik zou 'm best nóg eens willen doen maar dan halverwege de nacht starten (omwille van de veiligheid bijvoorbeeld met een gids) om de zon te zien opkomen vanaf het rotsplateau. Misschien leuk als ik 50 word...

27 juli 2017: Wathne Camping ~ Sunndal (220 km)

Gisteravond op de Wathne Camping de luifel uitgedraaid en nog enkele uurtjes gerelaxed, deels buiten maar ook noodgedwongen binnen door de muggen. De camping wordt gerund door een oud-missionaris en zijn vrouw, van oorsprong Amerikanen en super-aardig en gastvrij, je voelt je er meteen thuis. De camping zelf is erg eenvoudig en ziet er hier en daar wel erg oud uit, maar alles wat je nodig hebt, is aanwezig, hoewel een enkele douche voor de heren en eentje voor de dames wel erg karig is. Maar alles werkte wel. In slaap vallen leverde geen probleem op, wakker worden hadden wij liever op een andere manier gehad. Vroeg in de ochtend werden wij opgeschrikt door een opstijgende luifel die wij dus niet hadden vastgeprikt in de grond. 's Avonds was het windstil en wat regen gedurende de nacht was het enige, maar met windstoten die evensnel opstaken als verdwenen hadden wij geen rekening gehouden. In slaaptenue op de blote voetjes de camper uit gevlucht het zompige gras op en met vereende intelligentie de luifel snel ingeklapt en opgedraaid. Daarna hebben we het opstaan- en opfrisritueel maar doorgezet, wakker waren we inmiddels al...

Tussen de buien door was het droog (da's meestal) en die momenten duurden nooit lang. Het zou sowieso een zeer natte dag gaan worden, gelukkig was het vandaag een reisdag. Wij reden voor het grootste deel de route 13 inclusief de veerboot over het Josenfjord. Een hoofdweg dus veel verkeer voor Noorse begrippen maar met de nodige stijgingen, afdalingen, vernauwingen en scherpe bochten. Ergens halverwege nog even gestopt bij een kerkje om de benen te strekken. Bij het Sandsfjorden ging de route 13 onderlangs het fjord, wij namen echter de 517, 46 en 520 die bovenlangs gaat en hoewel beide ongeveer hetzelfde zijn in afstand, ging onze keuze minimaal tweemaal zo veel tijd in beslag nemen, volgens de GPS althans. Al snel werd ons duidelijk waarom... Het eerste half uur ging het allemaal vlotjes, gewoon tweebaans en af en toe een steile helling. Daarna begon het feest pas echt en werd vooral de rechter buitenspiegel vrijwel continue gechecked op de ruimte tussen camperwand en vangrail dan wel rotsblokken. Auto's konden elkaar op de meeste punten redelijk makkelijk passeren, ieder ander voertuig met grotere afmetingen moest in de daarvoor bestemde uitwijkplekken op het tegemoet komende verkeer wachten. In dit land leer je uitstekend anticiperen en dat leer je ook heel snel. Door de relatief lage maximum snelheid van 60 km/u op dergelijke wegen, sta je ook snel stil als dat moet. Ook wordt er niet gekleeft of geclaxonneerd, heel beschaafd allemaal en een verademing.

Anderhalf uur later werd het mij flink makkelijker gemaakt want wij kwamen achter een betonmixer te rijden die voor ons de weg vrij maakte. Bovendien reed deze chauffeur een voor mij uitstekend bij te houden tempo. Bomen verdwenen, het landschap werd ruiger, lange bermmarkeringspalen doemden op langs de weg (met gekleurde ringen op twee, drie en vier meter hoog), sneeuwlagen en vrij grazende schaapies en tot slot vele kleine en grotere watervallen. Zoals de Svandalsfossen ten zuiden van Saudasjøen waar je heel dichtbij kan komen en ook heel nat gaat worden. De nevel die hiervan over de weg zweeft, de kracht, het gebulder en de natuurlijke habitat van de waterval, maken er een zeer indrukwekkende ervaring van. Een indrukwekkend landschap en natuurlijk zijn er weer ontelbare foto's en wat video's gemaakt. Het laatste uur moest ik zelf weer voorop, was geen punt want behendigheid leer je snel genoeg in dit land. De Låtefossen waterval - 10 kilometer ten zuiden van de plaats Odda - was nóg indrukwekkender alleen was de parkeerplaats propvol en heb ik maar een foto van internet getrokken om je toch een indruk te geven.

De laatste etappe van deze dag liep via Odda, door de 11 km lange Folkefonntunnelen naar een camperplaats bij de Bondhusbrea gletsjer iets buiten het plaatsje Sunndal. Daar aangekomen stond er op een klein maar duidelijk zichtbaar bordje dat overnachten niet was toegestaan. Wij respecteerden dit en besloten terug te rijden naar Odda en na 11 minuten tunnel, een plekje te kopen voor de nacht op de Bobilcamp aan de haven. Geen mooie plek, wel functioneel met campergerelateerde faciliteiten en inclusief elektriciteit.

28 juli 2017: Sunndal ~ Bergen (110 km)

De ochtend begon met vocaal geweld, cadeautjes en tekeningen van ons neefje en nichtje, want mijn vrouw was jarig. Daarna extra feestelijk ontbeten en in een relaxt tempo onszelf gereed gemaakt voor vertrek. Voor de derde (en laatste) keer door de Folkefonntunnelen op naar de Bondhusbrea gletsjer, waar mijn vrouw een korte wandeling heeft gemaakt en ik lekker bij de camper ben gebleven. De regen van de afgelopen dagen in dit gebied bracht een rijk palet van watervallen, kolkende stroompjes en fraaie lichtschakeringen op kale rotsen. Een half uurtje later vervolgden wij de route naar Bergen via de 551 langs het Maurangfjord. Alweer een prachtige weg, wel relatief veel tegenliggers die niet allemaal in de gaten hadden dat een camper meer breedte heeft dan een doorsnee gezinsauto, waardoor de ruimte tussen camper en vangrail dan wel betonblokken op sommige momenten wel heel erg klein werd. Gelukkig ging alles goed maar dan geniet ik toch ietsje minder van het sturen.

Ondertussen was het brandstoflampje gaan branden, toch sneller dan verwacht want vanochtend bij vertrek stond 'ie nog op een kwart (± 20 liter). Dan maar uit voorzorg rekening houden met vijf liter reserve zodat met een fluwelen rechter voet er nog ongeveer 50 km gereden kan worden. In de GPS de dichtbijzijnde pomp opgezocht en die lag op 16 km afstand - de juiste kant op - maar dat is in een rechte lijn gemeten en hier zijn weinig wegen recht. Uiteindelijk werden het er 35 tot de oversteek van het Kvinnheradfjord, aan de overkant zagen wij het tankstation al liggen.

De betaling van de veerboot wordt meestal geïnd vlak voordat je de boot mag oprijden en dat werd ook zo gedaan bij de eerste helft van de rij, maar omdat het drukker was dan normaal (denk ik) mocht de tweede helft (waar wij in stonden) meteen op de boot aansluiten. Gedurende de vaart hield ik mijn spiegels in de gaten voor de meneer die het veergeld kwam innen, maar hij kwam niet. De besparing hiervan ging daarna grotendeels op aan de veel duurdere dieselprijs.

De rest van de route verliep over hoofdwegen, lekker breed en heel veel tunnels, drukker wordend verkeer en enkele voorstadjes van Bergen. De Bratland Camping was snel gevonden en is een prima plek voor twee overnachtingen want de volgende dag gingen we citytrippen. 's Avonds geskottelbraaid onder de regendichte luifel (nu wel verankerd in de grond).

29 juli 2017: Bergen sightseeing

Gisteravond en afgelopen nacht had het vaak en stevig geregend, de weersverwachting voor vandaag bleef onzeker: bewolkt, af en toe zon en vooral 's middags buien. Dus wij pasten onze kleding en uitrusting hierop aan. De camper lieten wij uiteraard aan het infuus staan, de bushalte was letterlijk om de hoek. Om 10:39 uur gingen wij met lijn 90 naar het transferstation Nesttun en daar namen wij tramlijn 1 verder naar het centrum. Binnen een half uur (zonder noemenswaardige wachttijd) stonden wij in hartje Bergen, alleen een motorfiets zou die tijd nog kunnen verbeteren, als je de pak-aan-pak-uit-tijd buiten beschouwing laat. Kortom perfect.

Wij hadden geluk, het zonnetje priemde lekker pittig door onze kleding heen en dat bleef eigenlijk tot een uur of twee zo. Eerst door enkele winkelstraten naar de Fløibanen, een zeer steile kabeltrambaan die ons in enkele minuten hoog boven de stad bracht. De rij was kort en een kwartiertje later stonden wij op het uitzichtplateau. Hier waren wij een klein uurtje gebleven inclusief plasstop en wat souveniertjes gescoord. Toen we weer beneden waren, was de rij voor de kassa gegroeid tot een enorm formaat, blijkbaar was het grotendeels afkomstig van een cruiseschip want het zag er allemaal erg Chinees uit.

Toen naar de Bryggen, de authentieke houten huizen in opvallende kleuren aan de haven. Een opvallend geheel en vast dat dit op de Wereld Cultureel Erfgoedlijst staat. Het was gezellig druk en terwijl vrouwlief de winkeltjes afstruinde, zat ik op een strategische plek mensen te kijken. Blijft een leuke bezigheid. Geen idee waarom Scandinavische meisjes/dames bovengemiddeld aantrekkelijk of zelfs knap zijn zonder over the top te zijn, maar het is zo. Veel nationaliteiten waarbij de Chinezen in de meerderheid waren, dus mijn "Ni hao" leverde wel een grappige reactie op (verbazing). De meesten zeiden ook nog wat terug maar ik heb geen idee wat dat dan zou mogen zijn. Het klonk wel erg vriendelijk overigens...

Halverwege de middag betrok de lucht en begon het langzaamaan te regenen, soms even weer droog maar dat duurde niet echt lang. Bergen staat er ook om bekend. Nog even naar de kerk, wachten totdat het bruidspaar is opgedon... euh, vertrokken was en wij de boel van binnen konden bekijken. Verder op de terugweg wat andere straatjes genomen maar daar werden wij niet echt wild van, wel mooie putdeksels trouwens. Ook nog een straatjongen zien zitten en die zat er al heel erg lang. De voetjes hadden het zo te voelen ook wel gehad dus OV-kaartjes gekocht bij een nogal eigenwijze ticketautomaat wat dus zó lang duurde dat wij twee trams aan onze neuzen voorbij moesten laten gaan.

30 juli 2017: Bergen ~ Gudvangen (185 km)

Vanochtend begon de dag met enkele witte donzige wolkjes op een helder blauw doek, dus volop zon en dan is het ook meteen aangenaam warm. Tegen 10:00 uur vertrokken wij vanaf de Bratland Camping (goede faciliteiten, relatief rustig en voor een nette prijs) naar Gudvangen, een afstand van 185 km wat hier zo'n 4 à 5 uur pure rijtijd betekent. Maar dat geeft niets want in deze omgeving rijden doe je met plezier. De eerste tussenstop was na zo'n 60 km, Steinsdalsfossen. Een waterval, niet heel groot maar wel waar je achterlangs kan lopen. Een heerlijk moment om te ontspannen, zeker na een actief stukje stuurwerk en diverse tunnels.

Na drie kwartier zijn wij weer verder gereden via wegnummer Fv7 die zo'n 50 km langs het Hardangerfjord kronkelt en veel rustplaatsen biedt om van het uitzicht te genieten. Weg 7 eindigt bij wegnummer 13, die naar de plaats Voss leidt. Een wat grotere weg en voor de verandering weer eens een eigen rijstrook van normale breedte. De gemiddelde snelheid ligt hier ongeveer 20 km/u hoger, rond de 60 km/u dus. In Voss verandert de wegnaam naar E16 wat min of meer als een snelweg bestempeld mag worden, hoewel het nog steeds twee rijstroken telt en de gemiddelde snelheid niet veel hoger ligt, aangezien dit soort verkeersaders ook meer verkeersaanbod te verwerken krijgt. Ook zeker geen lelijke weg (als die al in Noorwegen bestaat) met z'n vele vergezichten over de fjorden, hoogteverschillen en lange tunnels.

Het volgende punt was bij tellerstand 170 - Stalheim panorama - wat ik dus net te laat in de gaten had en er aan voorbij reed. Helaas doken wij direkt twee tunnels in kurketrekkervorm in, die ook nog eens een flinke afdaling hadden want binnen no-time gaf de snelheidsmeter 95 km/u aan, dus die 35 te hard moest even bijgeremd worden. Vijf kilometer later en weer terug in het daglicht, bij een bushalte gekeerd en de kurketrekker weer terug omhoog genomen. De weg naar het panoramapunt was redelijk saai in vergelijking met onze ervaringen van de afgelopen dagen en binnen 5 minuten stonden wij op de parkeerplaats van het gelijknamige luxe en sfeervolle hotel. Vanaf het tuinterras kun je de 18% afdaling met talloze haarspeldbochten zien, wat vanwege de breedte een eenrichtingsweg is. Vanuit het dal zagen wij een touringcarchauffeur naar boven rijden en wij waren dan ook benieuwd hoe hij dat ging oplossen met de lijndienstbus die reeds aan de afdaling was begonnen. Deze dag had de lijndienst dus 12 minuten vertraging...

De laatste stop was het plaatsje Gudvangen, hier is Viking Village maar de haven was interessanter. Een klein uur rondgewandeld en gezeten, vooral genoten van het fjord, de bergen, de eeuwige sneeuw en van meerdere watervallen. Het lijkt nooit te gaan vervelen.

Het eindpunt van de route was Bakka Kyrkje, oftewel het kerkje in het gehucht Bakka. De enige (en ook doodlopende) weg er naartoe zette ons even aan het twijfelen, de camper paste er precies op qua spoorbreedte, maar eenmaal rijdend viel het (wederom) best wel mee, gewoon bij iedere onoverzichtelijke bocht het onverwachte verwachten. Halverwege het weggetje ook nog een enkelbaans tunnel (met verkeerslicht), het kerkje was niet heel bijzonder, het uitzicht vanaf de steiger in het fjord des te meer. Daarna nog een geschikte plek vinden om te overnachten en de weg weer terug gereden, echter versperde een paar honderd meter verder een witte knol ons de doorgang, die graag wat aandacht wilde. Vrouw er uit om die knol weg te lokken (wat niet echt lukte), totdat een camper ons tegemoet reed en die knol tevreden weg sukkelde. Uiteindelijk hadden wij een klein stukje verharde grasberm gevonden pal naast een waterval (GPS-coördinaten: 60.9103676, 6.8682387), dus veel Noorser dan dat werd dat ook niet meer.

31 juli 2017: Gudvangen ~ Lærdalsøyri (100 km)

Gisteravond en vannacht heeft het steeds geregend, niet hard maar toch genoeg om de omgeving flink nat te laten worden. Vanochtend werden wij wakker van een vreemd geluid bij de camper, het was de witte hengst van gisteren die onze camper zó mooi vond, dat hij zijn harem heeft geparkeerd naast de camper. Hijzelf (likkend aan de bumper) en zijn vriend de os stonden er voor. De os wilde de jeuk op zijn kop met de buitenspiegel wegkrabben, maar met zijn hoorns richting de zijruit vond ik dat niet zo'n goed idee. Even kort de claxon aan om hem wat op afstand te krijgen.

Na het ontbijt bleek het viertal alweer richting Bakka te sjokken en konden wij ook weer verder. Het eerste tussenpunt was de kleinste staafkerk van Noorwegen en die staat in Undredal. De weg er naartoe was smal maar leverde geen problemen op. De camper hebben wij in het centrum van het eveneens kleine dorp geparkeerd. In de buurtsuper een zakje rendiervlees en twee geitenkaasjes gekocht (een milde voor mijn vrouw en een pittige voor mij die uitstekend bij de stevige Graham's Six Grapes port past).

Puntje twee was de plaats Flåm, waar je vanuit de haven fjordencruises kunt maken of naar Myrdal kunt afreizen, wat alléén te voet of per spoor te bereiken is. Die treinrit loopt door een geweldig fjordenlandschap, 20 kilometer lang en vooral in het hoogseizoen is ver van te voren reserveren, aan te raden. Vanuit Myrdal kun je verder per spoor naar Oslo of Bergen, of voor de activelingen terug naar Flåm per mountainbike via 21 haarspeldbochten (19 km). Wij hebben alleen de haven, souvenierwinkeltjes, Flåmsbana spoormuseum en bakkerij bezocht.

Het derde punt van vandaag was het uitzichtpunt Stegastein, wat aan de oude verbindingsweg 243 ligt tussen Aurlandsvangen en Lærdalsøyri. Deze ruige bergweg - ook wel sneeuwweg genaamd - is 48 kilometer lang. Een veel sneller alternatief is de indrukwekkende 24 kilometer lange Lærdalstunnelen nemen (langste autotunnel ter wereld), maar dan zie je vrij weinig van de natuur. Afijn, wij reden nog maar net op de bergweg en de boel stond muurvast, van horen zeggen was het probleem dat twee campers min of meer klem zaten op dezelfde plek. Veel auto's waren daardoor omgekeerd en stagneerden weer bij ons. Ruimte om te keren hadden wij niet, ergens achteruit insteken met heel erg veel moeite door een stronteigenwijze Rus die alleen maar vooruit wilde. Uiteindelijk is het me wel gelukt maar omdat de achteruitrij-camera bij het ophalen al kapot was, zit er nu ook een mooie afdruk van een houten plank van een uítstekende dakrand in de achterkant...

Het hele circus had ons een extra uur gekost maar dat werd dubbel en dwars goedgemaakt met geweldige natuur en adembenemende panorama's. Van weelderig groen en fjorden tot kale hoogvlakten met eeuwige sneeuw (dus sneeuwballen gooien), bergmeren en watervallen. Dat dit een populaire weg is bij zowel toeristen als lokalen, was al snel duidelijk geworden door de vele nationaliteiten op de kentekenplaten, zelfs Japanners in hun eigen camper (inderdaad, met Japanse platen). Ondanks miezerig weer en een ijskoude straffe wind, zagen wij ook nog enkele motorrijders op hun klassiekers de top passeren (ruim 1300 meter). Door de vele fotografische stops, was het al bijna avond toen wij deze oude weg helemaal afgewerkt hadden. Gelukkig was de Lærdal Feriepark Camping nog maar 10 minuten rijden.

1 augustus 2017: Lærdalsøyri ~ Hellesylt (120 km)

De camping was van alle gemakken voorzien, schoon sanitair en douches met muntautomaat (5 NOK voor 4 minuten warm water) waarbij ik er eentje had die blijkbaar helderziend was, want het muntje had ik nog OP de automaat liggen terwijl er wel gewoon warm water uitkwam. Dus tja, dan test ik gewoon hoe lang hij dit volhoudt... Na 25 minuten was ik doorweekt, schoon en ook lekker opgewarmd, nog steeds met het muntje OP de automaat. Eenmaal terug in de camper bleek dat mijn vrouw noodgedwongen na 4 minuten er al klaar mee was. Verschil moet er zijn...

Vandaag stond Geiranger als einddoel gepland, maar vanwege het grote aantal tussenpunten (die overigens meestal veel langer duren dan gedacht) gingen wij dat waarschijnlijk niet redden. Als eerste door een 6 km lange tunnel, gevolgd door een veerboot, daarna weer een tunnel (7 km) en een stukje hoofdweg, om de Kaupanger stavkirke te bezichtigen. Binnen kijken kostte 75 NOK en dat vonden wij teveel, alleen de buitenkant dus gezien en ook een blij gevoel gekregen van het prima onderhouden kerkhof met bij alle grafstenen vrolijk gekleurde plantjes.

Verder via de hoofdweg 5 en vele tunnels, geen idee hoeveel het er waren maar iedere tunnel is toch weer knap gemaakt en (meestal) breed genoeg om zonder zorgen op je eigen rijbaan te kunnen blijven. Na anderhalf uur kwamen wij aan bij de Bøyabreen gletsjer en ja, hij is indrukwekkend mooi. Veel besneeuwde bergtoppen er omheen gesprenkeld en ook veel smalle watervallen, want al dat smeltwater moet toch ergens heen. Mooie plaatjes geschoten en hierna in de camper even gelunched.

De thee-/koffiestop deden wij bij Bed & Breakfast Elvebakk die door geëmigreerde Nederlanders (ook wel Neder-Noren genoemd) wordt gerund. Mijn vrouw "kent" Monique en Kees van het internetforum Passie Voor Noorwegen en via dit forum geven zij hun bestellingen door, zodat zij toch gewoon rookworst en hagelslag en/of produkten die in Noorwegen verschrikkelijk duur zijn, kunnen blijven gebruiken. Rookworsten zijn in heel Scandinavië niet te koop dus daarvan hadden wij er 6 meegesmokkeld. Zij waren hier erg blij mee, en van hen hebben wij originele Noorse delicatessen geproefd: karamel-kaas en gefermenteerde haring. Smakelijk maar het worden geen favorieten van ons.

Twee uur later gingen wij weer verder. Niet via de geplande route want Kees vertelde dat het plaatsje Utvik door noodweer afgelopen nacht overstroomd was en de weg 60 daarheen onbegaanbaar was geworden door een modderlawine. Hierdoor moesten wij en vele anderen omrijden via de E39 en overvaren via Anda - Lote. Kees had enkele tips van bijzonder mooie wegen en die hebben wij dan ook genomen. En ja, een weg die tot ruim 1200 meter hoogte stijgt en prachtige uitzichten biedt over het Utfjord. En weer een nieuwe ervaring, een smalle tunnel zonder verkeerslichten (die van gisteren had aan beide kanten een groen licht dus daarvan snap ik de logica nog steeds niet) maar wel met enkele uitwijkmogelijkheden. En natuurlijk ontmoette ik halverwege een vrachtwagen, geen probleem, ik reed wat achteruit en wilde de uitwijkstrook inrijden maar werd hierbij helaas geblokkeerd door een eigenwijze Noor achter mij. Na mijn gebaar naar de vrachtwagenchauffeur dat ik niet verder achteruit kon, stapte hij uit, liep naar de Noorse auto achter mij, riep wat naar die kerel en gaf met exacte gebaren aan hoe en hoe ver ik kon, rekening houdend met mijn dakrand. Een halve minuut later stapte hij weer in zijn vrachtwagen en kon mij alsnog passeren. Enkele tientallen kilometers verderop kwamen wij weer on-route op de weg 60. Na een dag onderweg te zijn geweest, zijn wij geëindigd aan een fjord in Hellesylt op de eenvoudige Hellesylt Camping.

2 augustus 2017: Hellesylt ~ Geiranger ~ Dønfoss Camping (155 km)

Vanochtend werd mijn vrouw wakker van een zwaar geluid, het bleek een mega-cruiseschip te zijn die vlakbij de camping aanlegde, gevolgd door vele touringscars die een deel van de 3600 passagiers op touw nam.

Na een versneld ochtendritueel stonden wij om 08:30 uur al op de opstelplaats voor de veerboot naar Geiranger. De vaart voerde ons tussen de bergen door, langs heel mooie plekjes die alleen vanaf het fjord te zien (of te bezoeken) zijn. Van Hellesylt naar Geiranger is zo'n 25 km en daar doet de veerboot iets meer dan een uur over. Gedurende de tocht werden de passagiers geattendeerd op de bezienswaardigheden. Geiranger zèlf is niet zoveel aan, erg druk natuurlijk met een continue aanvoer van toeristen via touringcars en cruiseschepen. Wij hebben enkele winkeltjes bezocht, souveniers gekocht en een verrukkelijk ijsje gegeten.

Daarna reden wij het steilste stuk van wegnummer 63 met veel haarspeldbochten waar de touringcars voor het nodige kunst- en vliegwerk zorgden, naar het Ørnesvingen uitzichtpunt. Hier heb je een fantastisch uitzicht over het fjord en Geiranger. Eenmaal boven bleek parkeren en weer vertrekken ook wel spannend te zijn. Ter plekke keren bleek onmogelijk dus dan nog maar een klein stukje verder naar boven en bij een uitrit van een boerderij behendig achteruit kunnen insteken om weer in de juiste richting te komen. Zou je deze weg in noordelijke richting blijven volgen (inclusief overtocht), dan kom je vanzelf bij de wereldberoemde Trollstigen uit waar je op internet zoveel filmpjes van kan vinden.

Ongeveer 10 km na Geiranger (wegnummer 63 in zuidelijke richting) hebben wij gepauzeerd en gelunched op een werkelijk prachtige plek bij een haarspeldbocht, heerlijk in een behaaglijk zonnetje. Een weids uitzicht aan de linker kant richting het dal waar wij vandaan kwamen en een waterval aan de rechter kant met overal weelderig groen als een deken over het landschap gedrappeerd door de waterdamp.

Vervolgens via de weg 15 door een aantal tunnels om daarna de oude weg 258 te nemen, ook een must-do van Kees. En hij had gelijk, deze sneeuwweg is absoluut de moeite waard, hoewel het ons ook veel moeite (vanwege de hobbels, gaten en stukken onverhard) en tijd kostte (vanwege de zeer lage rijsnelheid en de vele foto-stops). Over de 25 km die deze weg lang is, hebben wij maar liefst 2 uur gedaan. Dat het lang ging duren, had hij ons trouwens óók verteld.

Aan het eind draaiden wij weer de weg 15 op richting het Pollfoss Hotel. Op deze weg mag je 90 km/u rijden wat met een auto prima kan, maar als je de camperinventaris en de inhoud daarvan heel en op hun plek wilt houden, gaat dat dus niet. Scherpe bochten worden niet altijd aangegeven en tijdens een afdaling wordt zo'n camper toch wat deinerig, dus 70 à 80 vond ik hard zat en aangezien ik nauwelijks werd ingehaald, vonden anderen dat dus ook wel goed. Met een half uur waren wij bij het hotel aangekomen maar helaas was overnachten op de parkeerplaats niet toegestaan. Mijn vrouw wilde dit bekijken vanwege een bijzondere geschiedenis, ik vond het hotel niet echt bijzonder. Ik had wel andere overnachtingsplekken (parkeer-/rustplaatsen) gezien maar aan zo'n drukke weg wordt slapen een uitdaging. Dus dan maar weer een camping opgezocht in de GPS (10 km verderop) en op de Dønfoss Camping eindigde deze dag dan ook. Wel een van de duurdere gezien de lokatie en de fasciliteiten, tot en met een zwembad enkele meters van de Dønfossen waterval af.

3 augustus 2017: Dønfoss Camping ~ Årdal ~ Lærdalsøyri (180 km)

Vanochtend werd ik gewekt met "Lang zal hij leven..." want vandaag mocht ik weer een balletje op de bovenste rij van het telraam naar links schuiven. Eenmaal opgefrist aan de ontbijttafel, kwamen diverse dingen aan het licht. Een paar kaarten, twee hele mooie tekeningen van ons neefje en nichtje, een paar flessen sterke drank, Amelandse mosterd en met chocolade overgoten nougatblokken. Het zonnetje scheen heerlijk maar wel met een stevige bries erbij. Na het ontbijt en alle andere standaard ochtenddingen, vertrokken wij pas rond 11:00 uur van de camping.

De Lom stavkirke was iets bijzonders want deze is vermoedelijk gebouwd vóór 1160 en is volledig van hout tot en met de kroonluchters, dakgoten en regenpijpen. Alleen de voordeursleutel was van metaal en van een dergelijk fors formaat, dat deze niet ongemerkt uit je zak kan glijden.

Hierna hebben wij bij de "bakkeri" zoete broodjes gehaald en deze leefden niet lang. Daarna via de Route Nasjonal 55 over de Sognefjellet hoogvlakte met wederom een ruig samenspel van besneeuwde bergen, gletsjers, wild water en meren. Tevens mijn drinkfles weer gevuld met onvervalst smeltwater, lekker koel en zuiver. Daarna linksaf de Tindevegen op (verboden voor voertuigen langer dan 10 meter dus vrachtwagen- en busvrij) naar Årdal, een kleinere weg met nog meer stuurwerk en op de top een heuse tolpoort, maar dat wisten wij al dankzij Google StreetView. Aan het eind van deze weg, vlak voordat je Årdal inrijdt, een heerlijke combinatie van haarspeldbochten. Dit waren wel de allerkrapste bochten ooit maar ik heb nergens hoeven te steken, dus volgens mij heb ik genoeg ruimtelijk inzicht ontwikkeld maar bovenal was dit natuurlijk erg leuk.

In Årdal hebben wij heerlijk gesmuld in een restaurantje, ik van een rijkelijk belegde pizza (waar ik al vanaf het begin van de vakantie zin in had), mijn vrouw genoot van een Kebab-schotel. Ondertussen was het gaan regenen en dat zou het de komende nacht ook nog wel blijven doen. Als overnachtingsplek hadden wij Lærdalsøyri uitgekozen, wat nog 45 km rijden was pal langs de fjorden. Inderdaad de camping met die gulle warme mannendouche, maar dan nu toch weer eens proberen vrij te staan op de grote parkeerplaats er recht tegenover.

4 augustus 2017: Lærdalsøyri ~ Hemsedal (90 km)

Vanochtend was de boordaccu weer nagenoeg leeg, zoals verwacht. Wij snapten er niets meer van want met 3 nachten op campingstroom en aardig wat kilometers afgelegd, zou de woonaccu toch wel bomvol moeten zijn. Met vrij staan verbruikten wij maar weinig stroom want het koken en koelen gaat op gas, alleen 's avonds wat LED-spotjes aan gehad en (via de professionele Victron omvormer) enkele camera-accu's en de laptopaccu opgeladen. Alles bij elkaar maximaal 200 Watt (18Ah) op de hele avond. De nieuwe woonaccu is 95Ah en daarmee moet je minimaal 3 à 4 dagen vrij kunnen staan, aldus de verhuurder. Het hield ons bezig en mij vooral met de technische kant wat de oorzaak dán zou kunnen zijn. Het meest logische is dan een niet goed werkend electroblok (wat alle electrische woononderdelen van stroom voorziet afhankelijk van of de motor loopt, je aan de stroompaal staat of geen van beide) of dat de dynamo een te laag amperage levert maar dat zou je dan moeten zien tijdens het rijden op het dashboard. Wat het ook is, de verhuurder mag het uitzoeken. Toch raar hoor, bij een camper van slechts één jaar oud met een nieuwprijs van € 95.000!

Afijn... Vanochtend begon onze dag met regen, gedurende de dag regen en hiermee eindigde het ook. Vandaag hadden wij een korte rit met maar twee heuse fotostops. De eerste was het dorpje waar wij hebben overnacht en dus hoeft er niet gestart te worden maar gingen wij tippelen, bewapend met jassen en pluutjes. Het dorp is vrij klein, het oude centrum dus nóg kleiner. Enkele interessante straatjes en dat is het wel.

Stop nummer twee was een douchestop waar ik wederom dankbaar 25 minuten gebruik van kon maken (het muntje van 5 NOK liet ik puur uit luiheid dit keer maar in m'n broekzak zitten). Lekker fris en fruitig gingen wij op weg naar de Borgund stavkirke die voorzien is van o.a. 8000 handgesneden houten dakleien en veel versieringen. Mijn vrouw had ook de binnenkant bekeken, ik vond 'm al mooi zat van buiten. Op de parkeerplaats hebben wij maar meteen gelunched.

Het einddoel was de plaats Hemsedal en dat is 65 km van ons verwijderd. Na een niet erg spannend stukje hoofdweg, draaiden wij na 20 km de Route Nasjonal 52 op en dat begon er weer op te lijken. Meteen ging het al flink omhoog, bijna plankgas in de derde versnelling maar vlot sneller ging 'ie niet echt. Een paar minuten later zaten wij al zo hoog dat het in de camper heerlijk stil was geworden want onze oren zaten dicht, totdat je ze weer klaarde. Slingerend omhoog gevolgd door een aantal haarspeldbochten en daarna lange rechte stukken over de ruige hoogvlakte. De afdaling deed ik in de eerste versnelling om zo min mogelijk te hoeven remmen, aangezien het zeer bochtige en hobbelige wegdek door de vele regen op veel plekken best glibberig geworden was. Weer in het dal rechtstreeks naar een kleine maar fijne camping gereden - Elvely Camping in Ulsåk - we moesten natuurlijk weer aan het infuus. Het zonnetje was gelukkig weer doorgebroken, enkele kledingstukken werden gewassen en te drogen gehangen, de luifel werd uitgezet en het tuininventaris uitgeklapt. Toen alles stond begon het (natuurlijk) te druppen en die druppels werden groter en groter. Na het eten onder protest alles maar weer ingeklapt en werd het verplicht binnen zitten. Om 23:03 uur was het eindelijk (even) droog maar ja, op een zompig gras ga je ook niet voor de lol zitten. Dan maar hopen op een goede nachtrust om de volgende dag weer fris achter het stuur te kruipen.

5 augustus 2017: Hemsedal ~ Rødberg (170 km)

Vanaf de camping reden wij de 224, een erg mooi en bochtig traject wat parallel loopt aan de hoofdweg 52 richting de plaats Gol. Op de rotsen langs de weg lag een deken van zacht donzig mos, waar de elanden dol op zijn. De aantrekkingskracht hiervan was te groot en binnen no-time was een plastic tas gevuld, handig voor de Kerststukjes over een paar maanden. Aan het eind van de weg draaiden wij de 51 op voor het laatste stukje naar Gol, waarin door het hoogteverschil weer een aantal leuke haarspeldbochten waren verwerkt. Bij de Circle K tankten wij weer diesel want de tank was weer half leeg. De camper verbruikt overigens gemiddeld 1 op 10 wat vrij normaal is voor een half-integraal.

Hier in Gol staat ook een staafkerkje, eenmaal gevonden bleek het een doodgewone kerk te zijn, waar wij onze neuzen voor ophaalden en het op een rijden zetten. In Torpo staat echter wel een prachtige stavkyrke waar wij even de tijd voor hebben genomen. In de volgende plaats (Geilo) wilden wij onze trek stillen dus bij het zien van een bord "Bakkeri", meteen de camper geparkeerd. De bakkerij zit in het Highland Hotel en hoewel wij in eerste instantie voor een broodje wilden gaan, zagen wij op de kaart ook pizza's dus was de bestelling snel gedaan. Wij namen plaats in de lounge die er best wel chique en modern uitzag, veel boeken, kunstobjecten en design. Twintig minuten later zaten wij te eten en wat waren ze lekker. Duidelijk kakelverse ingrediënten, flinterdunne bodem, knapperige randjes en (ik) vier soorten Italiaanse kazen er op. Hand made in Norway. Wel 20 Euro per stuk overigens, maar lekkerrrrrr...!

Wij gingen weer verder op weg naar Rødberg via de hoofdweg 40 en daarna de nagenoeg uitgestorven maar prachtige weg 120 langs het Pålsbufjord en het Tunhovdfjord. Onderweg zagen wij heel veel houten huisjes bij elkaar die goed gecamoufleerd waren door dikke graslaag (ook wordt vaak sedum of mos gebruikt), wat een perfecte dakbescherming tegen hagel is, maar ook goed de zomerse warmte of juist de winterse vrieskou buiten houdt. Zouden ze het ook maaien vraag ik me af?...

Onderweg de route gestopt en op verzoek van vrouwlief de Uvdal stavkirke in de GPS opgezocht als nieuwe bestemming. Een uurtje later stonden de camper en ik weer op de parkeerplaats, de vrouw struinde het historische terrein af naar mooie plaatjes. Een half uur later was ze nog steeds de hort op en heb ik maar een tukkie gedaan, wel zo praktisch wanneer je je bed bij je hebt. Toen ze terug was, drukte ik m'n stopwatch af op 1 uur en 42 minuten. De gids praatte maar door en door en door en... Inmiddels was het al tegen zessen en reed ik dus rechtstreeks naar de ingeplande camping, de Fjordgløtt Camping aan een meer, dus dat zal dan wel het Gløttfjord zijn denk ik dan maar...

6 augustus 2017: Rødberg ~ Oslo (220 km)

Het was weer nat, of beter gezegd het was in de tussentijd nog niet droog geweest, toen wij van de camping vertrokken naar Nore. Bij de Nore stavkirke - in het unieke Nummedals-type gebouwd - was het gelukkig (even) nagenoeg droog. Naar binnen konden wij niet, maar we hebben wel enkele foto's door het bobbelige vensterglas kunnen maken. De volgende tussenstop was in Flesberg, de zoveelste staafkerk. Er schijnen er maar 24 in Noorwegen te zijn (aldus mijn vrouw) en volgens mij hebben wij zeker de helft hiervan inmiddels bezocht. Ikzelf heb er niets mee maar vind het gebrande hout en houtsnijwerk wel mooi om te bekijken.

Tot Oslo was het nog zo'n 160 km en die konden wij het makkelijkst via de "grote wegen" doen, echter had ik veel leukere binnenwegen ingepland, geen idee waar ik die kunde vandaan heb... Het reed natuurlijk wel wat minder snel, maar het was er ook veel rustiger, je zag veel meer, je kon nog eens gewoon pal op de weg stoppen om rustig een fotootje te schieten, soms mocht ik slalommen om de schaapjes heen die midden op de weg lagen te dutten en soms was het wel heel erg hobbelig. Op ongeveer 30 km van het einddoel verwijderd, koos ik een nieuwe bestemming en wel het Vigeland Park: 's werelds grootste sculpturenpark door één kunstenaar gemaakt. De parkeerplaats die ik had uitgekozen was helaas vol, maar bij de begraafplaats was nog volop ruimte (op de parkeerplaats dus...). Geheel legaal was het niet maar voor een uurtje moest dat wel kunnen, en dat kon ook. Wij hebben niet het hele park doorgewandeld, hoefde ook niet want dat hadden wij vorig jaar al gedaan. Toen was het 30 graden en liep ik erg moeilijk, nu was het 17 graden en nat en liep ik supersoepel. Toch zijn er nog wel enkele foto's geschoten en tegen het einde van de middag stonden wij weer comfortabel aan het infuus op Bogstad Camping. Alle fasciliteiten waren aanwezig, niet zo schoon als wij inmiddels gewend waren en vooral vrij rumoerig en duur.

7 augustus 2017: Oslo sightseeing

's Ochtends zijn wij eerst naar het Norsk Folkemuseum geweest, een openluchtmuseum op het schiereiland Bygdøy. Natuurlijk allerlei soorten huizen, schuren en hutten uit diverse regio's met hun specifieke bestemmingen zoals voor voorraden, het drogen van voedsel, het houden van dieren en zelfs de sauna ontbrak niet in het vroegere leven. Ook de originele staafkerk van Gol was hier te zien, deze was destijds in Gol afgebroken, hier in Oslo weer opgebouwd en in Gol werd een replica neergezet. Andersom was volgens ons toch een stuk logischer...

Na zo'n drie uur te hebben rondgesnuffeld, wilden wij de OV-boot nemen naar de halte Rådhusbrygga in het centrum bij de haven, maar helaas bleken onze OV-dagkaarten (gekocht op de camping) hiervoor toch niet geldig, dus werd het de bus. Die vertrok pas over een half uur en die tijd hebben wij nuttig besteed aan het verorberen van de Noorse specialiteit Pølse med brød og Lompe, eigenlijk gewoon een HotDog zoals wij die kennen in een puntbroodje (brød) of aardappelpannenkoek (Lompe). Relaxt aan een tafeltje gezeten en ons kostelijk vermaakt met het schouwspel van de mussen.

Uit de bus gestapt bij de halte Rådhuset, meteen naar het operahuis gewandeld en het hellende dak opgelopen. Vorig jaar liet ik dat vrouwlief doen, nu deed ik lekker mee zodat ook ik nu een mooi (en winderig) uitzicht over het fjord en de stad had. Daarna begon het wat te druppen, hebben wij de binnenkant bewonderd en even lekker mensen gekeken.

Ondanks de regen, toch nog even de winkelstraat doorgewandeld en toen vrij vlot de bus terug genomen naar het Folkemuseum waar de camper nog stond geparkeerd (een dagkaart was veel voordeliger dan voor een paar uur te betalen). Als overnachtingsplek hadden wij de gratis 48-uurs parkeerplaats (GPS-coördinaten: 59.982743, 10.667779) vlakbij het Oslo Sommer & Vinterpark gekozen, bovenop de berg Heggehullet voor een mooi uitzicht over Oslo. Maar hoe hoger wij kwamen, hoe mistiger het werd. Eenmaal op de parkeerplaats was het zicht nog slechts 30 meter. Op zich nog niet eens zo erg want het regent stevig met flinke windstoten.

8 augustus 2017: Oslo ~ Køpenhavn (565 km)

Na een zeer mistige maar rustige nacht op de parkeerplaats, gingen wij eerst naar de skispringschans in de hoop dat de lift naar het uitzichtplateau (die vorig jaar kapot was) het nu wel deed. Ik werd naar boven gestuurd met duidelijke instructies om veel foto's en video's te maken. Het zijn vooral foto's geworden, o.a. 13 stuks die thuis voor een (hopelijk) indrukwekkende 360° panoramafoto gaan zorgen.

Daarna reden wij naar de jachthaven waar wij de camper een paar uur parkeerden bij Sjølyst Marina Bobil parkering (300 NOK per nacht, dus voor ons gratis). Daarna met de bus naar het centrum waar wij nogmaals de winkelstraat doorliepen en wat pleintjes en een kerk bekeken. De tijd ging snel en om uiterlijk 15:15 uur moesten wij ons hebben ingechecked bij de rederij voor de nachtboot die ons de volgende ochtend in Kopenhagen zou afleveren.

Het weer was prima, droog, zon, best wel warm en de korte broek had hier heel goed bij gepast. Maar ja, die droegen wij dus nu niet. Weer terug in de camper omstreeks 14:10 uur, vlotjes doch stilletjes het parkeerterrein weer afgereden en al een kwartiertje later stonden wij in de rij voor de nachtboot. Dat duurde bijna een uur maar dat maakte ons niets uit, beter te vroeg dan te laat. De boot is gróót, meerdere beweegbare decks voor auto's, vrachtwagens daarvóór en campers e.d. daaráchter. Alle voertuigen werden zoals gebruikelijk met grote precisie ingepast als een 3D-puzzel.

Op het bovendek van deze drijvende stad hadden wij een goed uitzicht over de haven en delen van Oslo.

Tegen zessen ging het dinerbuffet open en konden wij ons tegoed doen aan allerlei lekkernijen, van oma's gehaktballen tot en met kaviaar en complete kaasplankjes. Wij hadden een mooi plekje bij het raam in het zonnetje, prima toeven zo.

's Avonds nog wat op de dekken rondgelopen en wat kiekjes geschoten. Van het entertainment hebben wij geen gebruik gemaakt, de hut, douche en bed wonnen het glansrijk hiervan.

9 augustus 2017: Køpenhavn ~ Camping Sütel Ostsee (250 km)

Om 09:45 uur legde de boot aan in de haven van de Deense hoofdstad maar helaas duurde het uitschepen langer dan gepland, ook tot ongenoegen van het parkeerdekpersoneel. Hele hordes passagiers hadden waarschijnlijk eerst vanaf het bovendek het aanmeren bekeken en zijn pas daarna hun koffers gaan pakken en naar het autodek gegaan. Hierdoor bleven dus een aantal auto's op de beweegbare autodekken staan waardoor wij en mede-camperaars niet konden afrijden. Wat mij betreft had het autodek gewoon omhoog mogen gaan zodat hun auto's tegen het plafond geplet zouden worden en iedereen die wel netjes de oproepen van de kapitein had opgevolgd niet voor Jan Doedel hoefden te wachten op de sukkels. Maar helaas, geen bijzondere foto's van platte auto's en verbouwereerde eigenaren dus...

Afijn, eenmaal weer op het vaste land, zette ik de GPS weer aan het werk en konden wij onze trip vervolgen. Eerst naar een handig vooraf uitgekozen (gratis) parkeerlokatie (GPS-coördinaten: 55.693695, 12.594786) zodat de dames het zeemeerminnetje konden bezoeken. Ik bleef bij de camper, genietend van het heerlijke weer in het zonnetje en een aangenaam gesprekje met Bill, die thuis een net zo'n grote camper had staan, die hij op een trailer achter zijn touringcar-camper voorttrok. Handig wanneer hij een stad wilde bekijken en dat niet met zijn giga-grote-multi-slide-out-RV hoefde te doen. Hij had ook nog wel wat tips om een campertrip door de USA betaalbaar te houden, zoals een oude camper te kopen, te gebruiken en weer te verkopen, het is een mogelijkheid ja. Een heel aardige kerel, een echte Amerikaan, gepensioneerd en met een dikke bankrekening als ik zo zijn verhalen aanhoorde. We hebben nog net geen telefoonnummers uitgewisseld...

Daarna een toertje dwars door Kopenhagen gemaakt, niet geheel volgens de geplande route en in een zeer traag tempo. Het is namelijk één grote bouwput. Dan een stukje snelweg en via Køge naar Stevns Klint, de witte krijtrotsen aan de kust. Leuk maar binnen het uur waren wij hier ook wel klaar. Volgende stop was de kalkmijn Faxe Kalkbrud maar ook daar was men druk aan het bouwen en veel meer dan de zandafgraving waar de kalk gedolven werd, was er niet te zien.

Ondertussen had de koel-/vrieskast zijn werkzaamheden ook maar gestaakt vanwege een lege woonaccu (ik weet het, het begint saai te worden) en let op (dit is nieuw...) gasfles nummer 2 die ineens leeg bleek te zijn. Blijkbaar zat er véél minder butaangas in de flessen dan ons werd verteld bij het ophalen. Dit alles zorgde voor een onaangenaam effect in en buiten de koelkast, de ontdooisporen waren reeds op de vloer te zien en hebben wij vervolgens de melkproducten, het vlees en de ijsjes maar weggepleurd. Hierdoor hadden wij ons reisplan met een dag ingekort en reden rechtstreeks naar Rødby, om de overtocht naar Puttgarden (Duitsland) te doen.

Weer aan wal was het even zoeken naar Seepark Sütel Ostsee, die alleen via smalle landweggetjes bereikbaar bleek.

Een camping direct aan zee, de duurste van de hele vakantie, konijnrijk ook want iedere voettocht - hoe kort ook - leverde geplette keutels tussen de schoenzoolprofielen op, netjes vermengd met vers en vochtig gras. De toiletgebouwen waren alleen te betreden met een keycard, die van ons werkte alleen voor de slagboom (was ons niet erbij gezegd) dus tippelde ik om 20:00 uur nog maar even naar de receptie. Open tot 19:00 uur! Tja, hoogseizoen... Terug naar de camper, telefoonnummer op de kassabon gebeld, antwoordapparaat. Toen het andere nummer gebeld, privénummer van de vader van de campingeigenaar (die nog steeds aan het roer staat, zo bleek), heb in mijn beste Duits hem ons probleem uitgelegd en het werd netjes en adequaat opgelost. Een andere keycard kon ik in het restaurant ophalen, tippel-tippel daarheen en gekregen, uiteraard meteen getest, werkte niet, weer terug naar de camper maar nu om een rol duct-tape te halen om het slot vast te plakken, maar dat vond mijn vrouw (helaas) geen goed plan. Ik tippel-tippel terug naar het restaurant, wéér een andere kaart meegekregen en die werkte nu wel. Heheh, eindelijk schijten...

10 augustus 2017: Camping Sütel Ostsee ~ Elst (550 km)

's Ochtends was ik al vroeg wakker, zat ik om zes uur al op een bankje op het strand te genieten van het jonge zonlicht wat over het vlakke zeewater schitterde, om half acht ging de campingmarkt open en heb als verrassing voor het laatste camperontbijt verse croissants en broodjes gehaald. Afrekenen was minder leuk, kostte zes Euro maar als ik dat wilde pinnen kwam er 4 Euro bovenop (?!?), dus contant dan maar. Rare jongens daar, die Duitsers... Om half tien reden wij richting huis, eenmaal file gehad maar voor de rest verliep de reis zonder problemen. Ik had de motor flink aan het werk gezet, standje 130 hoewel enkele auto's het niet konden waarderen dat ze werden ingehaald door een camper. De Tankstelle voordat wij Nederlands grondgebied weer gingen betreden, bleek er helemaal niet te zijn, ondanks dat er op het afslagbord wel degelijk een pomp stond afgebeeld. Rare jongens hoor... Uiteindelijk in Heteren (bijna thuis) bij de Texaco de tank gevuld en dat bleek zelfs weinig duurder dan in Duitsland. Deze laatste vakantiedag dus weinig foto's gemaakt zoals verwacht.

Conclusie

Helaas bleek de luxe camper niet de zorgeloosheid te bieden waarop wij hadden gehoopt en hebben wij meer op campings overnacht dan dat wij hebben vrijgestaan. Dat maakte deze vakantie ook een stuk duurder dan oorspronkelijk gebudgetteerd was, nog afgezien van de deuk die op 850 Euro uitkwam. Juist het vrijstaan geeft dat overweldigende gevoel van onafhankelijkheid en ruimte. Wel was deze reis een hele mooie ervaring en hebben wij de dingen die wij wilden zien en doen, gezien en gedaan. Vooral de natuur is geweldig (en de staafkerken, aldus mijn vrouw) en dat is ook de vriendelijkheid van de Noren. Bijzondere verrassingen met loslopend wild en minder aangename ontmoetingen met andere beesten (grote muggen en vooral de kleine knutjes zijn om gestoord van te worden). Het lopen van de Preikestolen was een extreme uitdaging, wij hebben veel tegen onze eigen grens aangezeten en dan die volgende klim toch weer kunnen maken. Klinkt als topsport en zo voelde het ook, alleen geen bronzen plak, da's wel jammer. Noorwegen is zeer fotogeniek en dat zien wij terug in het beeldmateriaal: ruim 5000 foto's en 4 uur video. Wij komen hier zeker nog terug, maar dan waarschijnlijk met een kleinere buscamper. Wie weet heb ik in de toekomst de mogelijkheid om zelf een bestelbus om te bouwen naar buscamper (mijn hoofd zit vol met praktische oplossingen) waarbij simpelheid, betrouwbaarheid en onafhankelijkheid de kernwoorden zijn.

Voor de lezer van mijn reisverslag... Ik hoop dat het jou heeft vermaakt en wellicht ook nieuwsgierig gemaakt heeft, om ook zelf Noorwegen (of Zweden, ook verschrikkelijk mooi) te gaan verkennen. Spijt ga je nooit krijgen, dat weet ik zeker.

Biltse Motorrijders Vereniging
RPO Webdesign (© 2011)
--- KvK 54971616 ---